Digest — VWO Bedrijfseconomie, 2024 tijdvak 1 (VW-0400-a-24-1)

31 vragen, 67 punten, 6 opgaven. Bronbestand: pagina’s 88-131 van de examenbundel (opgaven + bijlage/uitwerkbijlage + correctievoorschrift + aanvulling correctievoorschrift).


Causation en effectuation

  • Vraagnummer(s): 1
  • Waar: vraag / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 1x
  • Typisch vraagformat: “Leg met behulp van twee gegevens uit de bovenstaande tekst uit dat het ondernemerschap van [oprichters] kenmerken heeft van effectuation” (starten met beschikbare middelen/netwerk in plaats van een vooropgezet plan).
  • Ruwe gewichtsinschatting: gemiddeld (2p)

Agio op aandelen

  • Vraagnummer(s): 5
  • Waar: vraag / informatiebron 1 (bijlage) / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 1x
  • Typisch vraagformat: “Bereken het bedrag dat bij de financieringsronde op [datum] is opgehaald door een aandelenemissie.” Toename geplaatst aandelenkapitaal en agioreserve uit een meerjarenoverzicht aflezen en optellen.
  • Ruwe gewichtsinschatting: gemiddeld (2p)

Voorwaarden vermogensverschaffers

  • Vraagnummer(s): 6, 20
  • Waar: vraag / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 2x
  • Typisch vraagformat: “Leg uit dat verschaffers van vreemd vermogen de aandelenemissie als voorwaarde stellen” (verbetering solvabiliteit als zekerheid); “Bereken het bedrag dat de aandeelhouders aan nieuw kapitaal moeten inbrengen… gelet op de solvabiliteitseis van de bank.”
  • Ruwe gewichtsinschatting: hoog (2p + 4p = 6p)

Maatschappelijk en geplaatst aandelenkapitaal

  • Vraagnummer(s): 8
  • Waar: vraag / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 1x
  • Typisch vraagformat: “Noem voor de aandeelhouders van [bedrijf] twee verschillende nadelen van het uitgeven van aandelen aan het personeel” (verwatering van zeggenschap en winst per aandeel).
  • Ruwe gewichtsinschatting: gemiddeld (2p)

Beloningsvormen

  • Vraagnummer(s): 9, 11
  • Waar: vraag / informatiebron 1-3 (bijlage) / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 2x
  • Typisch vraagformat: “Leg uit dat de uitgifte van SARs kan leiden tot een beter resultaat van [bedrijf]” (geen loonkosten maar een pas later te betalen voorziening); “Bereken de verwachte totale SAR-uitkering op [datum]” op basis van een verwachte jaarlijkse waardestijging van het aandeel.
  • Ruwe gewichtsinschatting: gemiddeld-hoog (1p + 2p = 3p)

Waarde van een aandeel — nominale waarde, beurskoers, emissiekoers en intrinsieke waarde

  • Vraagnummer(s): 10
  • Waar: vraag / informatiebron 1-3 (bijlage) / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 1x
  • Typisch vraagformat: “Bereken de waarde van het aandeel [bedrijf] op het moment van afsluiten van de SAR-overeenkomst.” Aandeelwaarde afgeleid via een EBIT-multiple (waarde = factor × EBIT per aandeel).
  • Ruwe gewichtsinschatting: gemiddeld (2p)

Samengestelde interest — contante waarde en eindwaarde

  • Vraagnummer(s): 11, 29
  • Waar: vraag / formuleblad (bijlage) / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 2x
  • Typisch vraagformat: waardestijging van een aandeel of spaarsaldo tegen een vast percentage samengestelde interest per jaar of maand doorrekenen naar een latere datum.
  • Ruwe gewichtsinschatting: hoog (2p + 4p = 6p)

Liquiditeitsratio’s

  • Vraagnummer(s): 12
  • Waar: vraag / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 1x
  • Typisch vraagformat: “Leg uit dat door gebruik te maken van SARs een verslechtering van de liquiditeit in de opstartfase… kan worden voorkomen” (geen directe kasuitgave, wel een voorziening).
  • Ruwe gewichtsinschatting: laag (1p)

Solvabiliteitsratio’s

  • Vraagnummer(s): 13, 20
  • Waar: vraag / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 2x
  • Typisch vraagformat: “Welk effect heeft een toevoeging aan een voorziening voor de SAR-uitkeringen op de solvabiliteit (EV/VV)? Betrek in het antwoord zowel de verandering van de teller als de verandering van de noemer”; solvabiliteitseis (EV/TV) van een bank als randvoorwaarde bij een investeringsfinanciering.
  • Ruwe gewichtsinschatting: hoog (2p + deel van 4p)

Erven

  • Vraagnummer(s): 14, 15, 16, 17
  • Waar: vraag / inventarisatielijst (opgave) / uitwerkbijlage / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 4x — kernconcept van opgave 3
  • Typisch vraagformat: “Noem de twee andere keuzemogelijkheden die [erfgenaam] heeft op basis van het erfrecht” (verwerpen, beneficiair aanvaarden); “Bereken het bedrag voor belasting… dat [erfgenaam] zal erven”; “Bereken het bedrag dat [erfgenaam] na aftrek van de erfbelasting van zijn erfenis overhoudt” (vrijstelling + schijventarief).
  • Ruwe gewichtsinschatting: hoog (2p + 2p + 2p = 6p, gedeeld met Balans opbouw bij vraag 15)

Balans opbouw

  • Vraagnummer(s): 15, 16
  • Waar: vraag / inventarisatielijst (opgave) / uitwerkbijlage / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 2x, overlappend met Erven
  • Typisch vraagformat: “Stel de volledige balans van de eenmanszaak op het moment van overlijden… samen. Vul hiervoor de uitwerkbijlage bij deze vraag in.” Bezittingen en schulden uit een inventarisatielijst tot een sluitende balans ordenen.
  • Ruwe gewichtsinschatting: hoog (4p)

Break-even analyse

  • Vraagnummer(s): 18, 19, 22
  • Waar: vraag / grafiek (opgave) / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 3x
  • Typisch vraagformat: “Bereken de dekkingsbijdrage per pizza”; “Bereken het resultaat in de maand [maand]. Geef aan of er sprake is van een positief of een negatief resultaat”; “Bereken hoeveel pizza’s er in [maand] moeten worden verkocht om de resultaatdoelstelling… te behalen.”
  • Ruwe gewichtsinschatting: hoog (2p + 1p + 3p = 6p)

Gevolgen van financiële feiten voor balans en resultatenrekening

  • Vraagnummer(s): 21
  • Waar: vraag / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 1x
  • Typisch vraagformat: “Bereken het bedrag waarmee de vlottende activa inclusief liquide middelen op de balans… veranderen door de investering en financiering.”
  • Ruwe gewichtsinschatting: gemiddeld (2p)

Marketingmix 4P

  • Vraagnummer(s): 23
  • Waar: vraag / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 1x
  • Typisch vraagformat: “Tot welk instrument van de marketingmix wordt de verpakking van [product] gerekend?” (product).
  • Ruwe gewichtsinschatting: laag (1p)

Constante en variabele kosten

  • Vraagnummer(s): 24
  • Waar: vraag / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 1x
  • Typisch vraagformat: “Noem het verschil tussen constante en variabele kosten. Betrek beide begrippen in je antwoord.”
  • Ruwe gewichtsinschatting: laag (1p)

Verkoopprijs berekenen

  • Vraagnummer(s): 25
  • Waar: vraag / informatiebron 4 (bijlage) / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 1x
  • Typisch vraagformat: “Bereken de verkoopprijs exclusief btw van [product].” Kostprijs (constante + variabele kosten per eenheid) plus resultaatopslag.
  • Ruwe gewichtsinschatting: hoog (4p)

Verschillenanalyse

  • Vraagnummer(s): 26, 27
  • Waar: vraag / informatiebron 4-5 (bijlage) / uitwerkbijlage / formuleblad / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 2x
  • Typisch vraagformat: “Bereken het verwachte resultaat… met behulp van het verkoopresultaat en het bezettingsresultaat. Geef telkens aan of er sprake is van een positief of negatief resultaat”; “Maak de verschillenanalyse van [jaar] af door de uitwerkbijlage bij deze vraag volledig in te vullen (zie… formuleblad)” (budgetresultaat = gerealiseerde afzet × kostprijs − werkelijke kosten).
  • Ruwe gewichtsinschatting: hoog (2p + 5p = 7p, zwaarste losse vraag van het examen)

Arbeidsovereenkomst

  • Vraagnummer(s): 28
  • Waar: vraag / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 1x
  • Typisch vraagformat: “Noem drie voorwaarden waaraan een individuele arbeidsovereenkomst moet voldoen” (arbeid, loon, gezag).
  • Ruwe gewichtsinschatting: gemiddeld (2p)

Sparen

  • Vraagnummer(s): 29
  • Waar: vraag / formuleblad (bijlage, somformule meetkundige reeks) / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 1x
  • Typisch vraagformat: “Bereken het saldo van de spaarrekening van [persoon] op [datum] na bijschrijving van de interest (zie formuleblad).” Reeks maandelijkse stortingen plus incidentele stortingen, samengestelde interest maandelijks bijgeschreven.
  • Ruwe gewichtsinschatting: hoog (4p)

Consumptief krediet

  • Vraagnummer(s): 30, 31
  • Waar: vraag / correctievoorschrift
  • Frequentie dit tijdvak: 2x
  • Typisch vraagformat: “Bereken de totale interestkosten wanneer [koper] gebruikmaakt van de aanbieding voor financiering” (aanbetaling + termijnbetalingen vs. contante prijs); “Geef een reden, behalve het maken van winst, waarom [verkoper] een hoger interestpercentage in rekening brengt dan het interestpercentage dat hij op zijn spaarrekening ontvangt” (kredietrisico/wanbetaling).
  • Ruwe gewichtsinschatting: gemiddeld (1p + 1p = 2p)

Niet-gematchte onderwerpen

  • Vraag 2 (2p) — SWOT-analyse: voorbeeld van een Threat en een Weakness geven. Geen SWOT-notitie in de vault (zie ook eerdere tijdvakken).
  • Vraag 3 (2p) — Prestatie-indicator koppelen aan een kritische succesfactor. Geen KSF/KPI-notitie (zie ook eerdere tijdvakken).
  • Vraag 4 (2p) — Klantwaardepropositie uitleggen en de verandering ervan door een uitgebreider servicegebied. Geen aparte notitie over dit begrip.
  • Vraag 7 (2p) — Niet-financiële manieren om personeel aan te trekken en te behouden benoemen. Geen aparte notitie over employer branding/personeelsbehoud; raakt losjes Beloningsvormen.md zonder dit specifiek (niet-financieel) te dekken.
  • Correctievoorschrift, secties 1-3, 5-6 + aanvulling correctievoorschrift (Regels voor de beoordeling, Algemene regels, Vakspecifieke regels, Aanleveren scores, Bronvermeldingen) — procedureel/administratief, geen vakinhoud om te matchen.