2026 tijdvak 1 — digest
Bron: los gedownloade CE 2026-bestanden (examenblad.nl), volledig gelezen: opgaven, bijlage/informatieboekje (incl. formuleblad), correctievoorschrift + 1 aanvulling. 29 vragen, 61 punten. Let op: dit examen valt nog onder de OUDE (2026-)syllabus, niet onder syllabus 2027 — geen opties, geen DuPont-schema aangetroffen (geverifieerd), en geen 4C-marketingmix of true pricing-terminologie gebruikt (nieuwe onderwerpen syllabus 2027 komen hier dus nog niet voor).
Balans opbouw
- Vraag 2 (2p): voorbeelden geven van immateriële, materiële en financiële vaste activa. Vraag 22 (2p): balans opstellen na investering en financiering (incl. te vorderen btw, crowdfunding als nieuwe post).
- 2x. Gewicht: zwaar.
Liquiditeitsratio’s
- Vraag 3 (2p): quick ratio berekenen op twee balansdata en vergelijken (liquiditeit verslechterd?). Vraag 4 (2p): teller- en noemereffect van twee maatregelen (herwaardering, obligatie-uitgifte) op de quick ratio beoordelen.
- 2x. Gewicht: zeer zwaar (4p, hele opgave 1 grotendeels hierop gericht).
Solvabiliteitsratio’s
- Vraag 23 (1p, via Collin Credit Score): solvabiliteit (VV/TV) berekenen en koppelen aan waarderingstabel.
- 1x. Gewicht: gemiddeld.
Constante en variabele kosten
- Vraag 7 (1p): verklaren waarom meer constante kosten aan oude kaas toegerekend worden (langere doorlooptijd = groter beslag op capaciteit).
- 1x. Gewicht: licht.
Tarief berekenen dienstverlenende organisatie
- Vraag 8 (3p): kostprijs per kg kaasrijping (jong/oud) berekenen via C/N-opslagmethode, en het gerealiseerde verkoopresultaat berekenen.
- 1x. Gewicht: zwaar.
Cao
- Vraag 9 (1p): mag een individuele arbeidsovereenkomst afwijken van de cao? (ja, indien in voordeel werknemer).
- 1x. Gewicht: licht.
Loonkosten per eenheid product
- Vraag 10 (2p): totale loonkosten berekenen (brutoloon × vakantietoeslag + eindejaarsuitkering naar rato) × sociale lasten-opslag.
- 1x. Gewicht: gemiddeld.
Verschillenanalyse
- Vraag 11 (4p, zwaarste vraag): volledig budgetresultaat opstellen — bezettingsresultaat (jong/oud), prijsresultaat overige constante kosten, prijsresultaat loonkosten, budgetresultaat variabele kosten (prijsresultaat jong/oud), totaal budgetresultaat.
- 1x. Gewicht: zeer zwaar.
Voorcalculatorische en nacalculatorische resultatenrekening
- Vraag 12 (3p): resultaat (verkoopresultaat + budgetresultaat) berekenen en procentuele daling t.o.v. vorige periode toetsen aan acceptabele norm (10%).
- 1x. Gewicht: zwaar.
Marketingmix 4P
- Vraag 14 (2p): twee instrumenten van de marketingmix (anders dan prijs) noemen waarop bespaard kan worden dankzij klantloyaliteit — antwoordmodel noemt expliciet Promotie(beleid) en Product(beleid)/Plaats(beleid).
- 1x. Gewicht: gemiddeld.
Rentabiliteitsratio’s
- Vraag 15 (3p): dividendrendement berekenen (resultaat na belasting → dividend per aandeel via pay-outratio → dividendrendement t.o.v. gemiddelde beurskoers).
- 1x. Gewicht: zwaar.
Beleggen — vermogenstitels
- Vraag 16 (2p): risico van beleggen in aandelen vs. sparen vergelijken (koersrisico/dividendonzekerheid vs. depositogarantiestelsel). Aanvulling correctievoorschrift: scoremodel verduidelijkt (los i.p.v. gekoppeld scorepunt per argument).
- 1x. Gewicht: gemiddeld.
Vormen van kort vreemd vermogen
- Vraag 17 (2p): onderscheid leverancierskrediet/afnemerskrediet bij gefaseerde facturering (eerste termijn = afnemerskrediet, tweede = leverancierskrediet). Vraag 18 (2p): te factureren bedrag tweede termijn berekenen incl. btw.
- 2x. Gewicht: zwaar.
Faillissement en surseance van betaling
- Vraag 19 (2p): nadelige bedrijfseconomische gevolgen van een (dreigend) faillissement van een klant noemen (afboeking vordering, omzetverlies, ontslagkosten).
- 1x. Gewicht: gemiddeld.
Financieringsmogelijkheden eenmanszaak en vof
- Vraag 20 (1p): voordeel van crowdfunding t.o.v. onderhandse lening noemen.
- 1x. Gewicht: licht.
Vormen van lang vreemd vermogen
- Vraag 21 (1p): uitleggen waarom geen recht van hypotheek gevestigd kan worden op roerende zaken (fitnessapparaten).
- 1x. Gewicht: licht.
Voorwaarden vermogensverschaffers
- Vraag 23, 26, 27 (samen 5p): Collin Credit Score als voorbeeld van door een vermogensverschaffer gestelde voorwaarden (zekerheden, solvabiliteit, afloscapaciteit), gebruikt om financieringsbeslissing te onderbouwen.
- 3x indirect. Gewicht: zwaar (opgave 5 draait hier grotendeels om).
Hypotheekvormen — lineaire hypotheek en annuïteitenhypotheek
- Vraag 24 (2p): interest en aflossing van een annuïtaire banklening berekenen per halfjaar.
- 1x. Gewicht: gemiddeld.
Liquiditeitsbegroting en exploitatiebegroting
- Vraag 25 (4p): exploitatiebegroting verder invullen (afschrijvingskosten, interestkosten banklening en crowdfunding, resultaat).
- 1x. Gewicht: zeer zwaar.
Afschrijvingssysteem en waarderingsgrondslag
- Vraag 25 (afschrijvingskosten op basis van 12% van aanschafwaarde, gecombineerd bestaande + nieuwe activa, inclusief btw-correctie).
- Gewicht: gemiddeld (onderdeel van vraag 25).
Samenwonen, trouwen en scheiden
- Vraag 28 (3p): uitkoopsom bij scheiding berekenen op basis van halve marktwaarde minus halve restschuld hypotheek.
- 1x. Gewicht: zwaar.
Contante waarde en eindwaarde van een reeks gelijke bedragen
- Vraag 28 (restschuld hypothecaire lening berekenen als contante waarde van toekomstige annuïteiten, met de somformule van de meetkundige reeks van het formuleblad).
- Gewicht: zwaar (kernberekening van vraag 28).
Samengestelde interest — contante waarde en eindwaarde
- Vraag 29 (deel 1, 1p): eindwaarde van een spaarsaldo berekenen met samengestelde maandinterest (0,12% per maand, 9 maanden).
- Gewicht: gemiddeld.
Erven
- Vraag 29 (3p totaal): erfenis per kind berekenen na aftrek testamentair legaat aan goed doel, vrijstelling en schijventarief erfbelasting.
- 1x. Gewicht: zwaar.
Niet-gematchte onderwerpen
- Vraag 1 (2p) — SWOT-analyse: een item herkennen dat foutief bij Threats staat en het juiste onderdeel (Weakness) aanwijzen. Alias “SWOT-analyse” staat in
Ondernemingsplan.md, maar die notitie legt de SWOT-classificatielogica zelf niet uit — zwakke match. Overweeg SWOT-classificatie (S/W = intern, O/T = extern) explicieter te maken in Stap 3. - Vraag 5 (2p) — vijfkrachtenmodel van Porter, macht van afnemers als factor. Het vijfkrachtenmodel staat wel als los begrip genoemd in de syllabus-begrippenlijst bij Marketingmix 4C (E2), maar heeft geen eigen inhoudelijke notitie — zwakke match met
Marketingmix 4C.md. - Vraag 6 (2p) — risico’s van bedrijfsmodel-verandering (prijs-, voorraad-, omzet-, afzetrisico) in eigen woorden benoemen; algemene ondernemingsrisico-redenering, geen specifieke vault-notitie.
- Vraag 13 (1p) — voorbeeld van lagere kosten door verbeterde risicoanalyse bij kredietverlening (bankperspectief); randgebied van Voorwaarden vermogensverschaffers maar niet echt een match.