Prioriteit: 🟠 Midden

In 3 van de 6 onderzochte examenjaren, als onderdeel van een grotere berekening (gemiddelde koers, gemiddeld vermogen, verwachte opbrengst).

Wat moet je kunnen?

  • Een ongewogen en een gewogen gemiddelde berekenen.
  • Zien wanneer je moet wegen.

De kern

  • Weeg als de waarnemingen niet even groot zijn: rente op leningen van verschillende omvang, prijzen bij verschillende aantallen.
  • Het ongewogen gemiddelde van begin- en eindvermogen is het gemiddeld vermogen bij rentabiliteitsratio’s (zie Rentabiliteitsratio’s).
  • Gebruik de methode die de opgave noemt (“ongewogen rekenkundig gemiddelde”).
  • Indexcijfers met gewichten: zie Indexcijfers.

Zo wordt het gevraagd

  • “Ongewogen rekenkundig gemiddelde van het vermogen dat hij geïnvesteerd heeft” en de gemiddelde beurskoers (2023-1 vraag 12 en 20).
  • Verwachte wekelijkse opbrengst berekenen met percentages en een gemiddeld bestelbedrag (2022-1 vraag 7, 3p).
  • “Bereken op basis van het marktonderzoek het verwachte aantal klan[ten]” (2021-1 vraag 6).

Uitgewerkt voorbeeld

Gemiddelde interest

Een bedrijf heeft €100.000 geleend tegen 4% en €300.000 tegen 6%.

  1. Ongewogen: (fout: de leningen zijn niet even groot)
  2. Gewogen: 5,5%

Valkuilen

  • Percentages gewoon middelen terwijl de bedragen verschillen.
  • Delen door het aantal waarden in plaats van de som van de gewichten.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
  • (geen)
Onderwerpen die dit ondersteunt