Prioriteit: 🟠 Midden

In 4 van de 6 onderzochte examenjaren: een positief hefboomeffect aantonen of uitleggen hoe de vermogensstructuur de interest beïnvloedt.

Wat moet je kunnen?

  • De hefboomformule toepassen.
  • Aangeven wanneer het hefboomeffect positief of negatief is.
  • Uitleggen waarom meer vreemd vermogen de IVV kan verhogen.

De kern

  • Positief hefboomeffect: . Met geleend geld verdien je meer dan het kost; de rest gaat naar de eigenaren.
  • Negatief: . Dan drukt het vreemd vermogen de REV.
  • Hoe hoger , hoe sterker het effect in beide richtingen. Ook het risico voor de bank stijgt, dus die vraagt vaak een hogere interest: de IVV stijgt (zie Voorwaarden vermogensverschaffers).
  • Formules voor RTV, REV en IVV: zie Rentabiliteitsratio’s.

Zo wordt het gevraagd

  • RTV berekenen en aantonen dat er een positief hefboomeffect is (2022-1 vraag 28, 3p).
  • Uitleggen dat de hoogte van de IVV afhangt van de verhouding VV/EV (2022-1 vraag 29, 2p).
  • “Wanneer is er bij de beleggingen sprake van een positief hefboomeffect?” (2024-2 vraag 24).
  • Uitleggen hoe een betere solvabiliteit het resultaat verbetert via een lagere interest (2026-2 vraag 25, 2p).

Uitgewerkt voorbeeld

Positief en negatief (examenstijl, vergelijk 2022-1 vraag 28)

, .

  1. Bij : 17,5% (positief: REV > RTV)
  2. Bij : 2,5% (negatief: REV < RTV)

Valkuilen

  • invullen in plaats van .
  • Alleen naar de REV kijken en het hogere risico vergeten.
  • Denken dat meer lenen altijd gunstig is.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt