Prioriteit: đźź Midden
In 3 van de 6 onderzochte examenjaren, vooral als berekening van totale loonkosten (brutoloon, vakantietoeslag, sociale lasten).
Wat moet je kunnen?
- De totale loonkosten berekenen uit brutoloon, toeslagen en sociale lasten.
- De loonkosten per eenheid product berekenen en de ontwikkeling beoordelen.
De kern
- Een eindejaarsuitkering of dertiende maand tel je naar rato mee.
- Loonkosten per product dalen als de productie sneller stijgt dan de loonkosten (hogere arbeidsproductiviteit).
- Loonkosten zijn een belangrijk deel van het tarief en de kostprijs (zie Tarief berekenen dienstverlenende organisatie).
Zo wordt het gevraagd
- Totale loonkosten berekenen met vakantietoeslag, eindejaarsuitkering en opslag sociale lasten (2026-1 vraag 10, 2p).
- Verschil in maandelijkse loonkosten tussen de looneis van de vakbonden en het aanbod van de directie (2026-2 vraag 3, 3p).
- “Bereken de verwachte loonkosten over [jaar]” (2022-2 vraag 11).
Uitgewerkt voorbeeld
Loonkosten per maand (examenstijl, vergelijk 2026-1 vraag 10)
Brutoloon €3.000 per maand, vakantietoeslag 8%, opslag sociale lasten 25%. Loonkosten: €4.050 per maand
Valkuilen
- De opslag voor sociale lasten over het brutoloon zonder vakantietoeslag berekenen, als de opgave anders aangeeft.
- Een procentuele loonstijging optellen bij het bedrag in plaats van ermee te vermenigvuldigen.
Test jezelf
Loonkosten €2.400.000, productie 1.600.000 stuks. Wat zijn de loonkosten per eenheid?
.
Lonen stijgen 3%, productie stijgt 5%. Wat gebeurt er met de loonkosten per eenheid?
Die dalen (ongeveer 2%): de productie groeit sneller dan de loonkosten.
Examenvragen om te oefenen
Doe deze vragen uit echte examens
- 2026 tijdvak 1, vraag 10: totale loonkosten (2p)
- 2026 tijdvak 2, vraag 3: looneis tegenover aanbod (3p)
- 2022 tijdvak 2, vraag 11: verwachte loonkosten
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 3 van de 6 onderzochte examenjaren (2021-2026) — 50%.
- 2026 tijdvak 2: vraag 3
- 2026 tijdvak 1: vraag 10
- 2022 tijdvak 2: vraag 11
- 2021 tijdvak 3: vraag 12
- 2021 tijdvak 1: vraag 29, 30
Ondersteunende onderwerpen
- (geen)