Prioriteit: 🟢 Laag
In 2 van de 8 onderzochte examenjaren (2018, 2019) als losse vraag; wel de basis van de kringloop en de AIQ.
Wat moet je kunnen?
- Het bbp berekenen met de drie methoden.
- Toegevoegde waarde berekenen en dubbeltellingen vermijden.
De kern
| Methode | Formule |
|---|---|
| bestedingsmethode | |
| objectieve (productie)methode | som van de toegevoegde waarde = omzet − inkoop van derden |
| subjectieve (inkomens)methode | arbeidsinkomen + kapitaalinkomen (rente, huur, winst) + afschrijvingen |
- Alle drie geven dezelfde uitkomst: bestedingen, productie en inkomen zijn drie kanten van dezelfde stroom (zie Economische kringloop).
- Alleen de toegevoegde waarde tellen, anders tel je ingekochte grondstoffen dubbel.
Valkuilen
- De hele omzet van elk bedrijf optellen (dubbeltelling).
- Import optellen in plaats van aftrekken.
- Afschrijvingen vergeten bij de subjectieve methode (bruto bbp).
Test jezelf
Een bakker heeft €500 omzet en koopt voor €300 meel en energie in. Hoeveel draagt hij bij aan het bbp?
Toegevoegde waarde: .
Die €200 bestaat uit €120 loon, €60 winst en €20 afschrijving. Welke methode gebruik je als je die optelt?
De subjectieve (inkomens)methode; ook zo kom je op €200.
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 2 van de 8 onderzochte examenjaren (2018–2026, 2020: geen examen gehouden) — 25%.
- 2019 tijdvak 1: vraag 17
- 2018 tijdvak 1: vraag 14(sec), 15
Ondersteunende onderwerpen
- (geen)