Prioriteit: 🟠 Midden
In 3 van de 8 onderzochte examenjaren, als uitleg: “Leg uit dat … het groen bbp zowel kan dalen als kan stijgen.”
Wat moet je kunnen?
- Het groen bbp berekenen.
- Uitleggen hoe een maatregel het groen bbp verhoogt of verlaagt.
- Het verschil met het gewone bbp en met brede welvaart aangeven.
De kern
- Milieueffecten zitten normaal niet in het bbp (het zijn externe effecten, zie Externe effecten).
- Meer productie verhoogt het bbp, maar kan meer schade geven: het saldo bepaalt of het groen bbp stijgt.
- Een circulaire economie (hergebruik) vermindert de uitputting van grondstoffen: minder schade → hoger groen bbp.
- Groen bbp is een stap richting Brede welvaart en maatschappelijke welvaart, maar mist nog andere aspecten (gezondheid, vrije tijd).
Zo wordt het gevraagd
- “Leg uit dat door de hogere overheidsbestedingen het groen bbp zowel kan dalen als kan stijgen” (2025-1 vraag 22).
- “Leg uit dat een circulaire economie het groen bbp kan verhogen” (2023-1 vraag 25).
Uitgewerkt voorbeeld
Groen bbp berekenen
Bbp €800 miljard, milieuschade €30 miljard, milieuverbetering €10 miljard. Groen bbp €780 miljard.
Zowel dalen als stijgen (examenstijl, vergelijk 2025-1 vraag 22)
Hogere overheidsbestedingen verhogen het bbp.
- Gaat het geld naar vervuilende projecten, dan stijgt de milieuschade harder dan het bbp: groen bbp kan dalen.
- Gaat het naar bijvoorbeeld natuurherstel, dan stijgt het bbp én neemt de schade af: groen bbp stijgt.
Valkuilen
- Milieuverbetering vergeten mee te tellen.
- Denken dat een hoger bbp altijd een hoger groen bbp geeft.
Test jezelf
Een fabriek produceert €5 miljoen meer en veroorzaakt €7 miljoen milieuschade. Wat gebeurt er met het groen bbp?
Het daalt met €2 miljoen.
Waarom zit milieuschade niet in het gewone bbp?
Het is een extern effect: er wordt geen marktprijs voor betaald.
Examenvragen om te oefenen
Doe deze vragen uit echte examens
- 2025 tijdvak 1, vraag 22: overheidsbestedingen en groen bbp (2p)
- 2023 tijdvak 1, vraag 25: circulaire economie (2p)
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 3 van de 8 onderzochte examenjaren (2018–2026, 2020: geen examen gehouden) — 37,5%.
- 2026 tijdvak 2: vraag 26
- 2025 tijdvak 1: vraag 22
- 2023 tijdvak 1: vraag 25
Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt
- (geen)