Prioriteit: 🔴 Hoog
In 8 van de 8 onderzochte examenjaren, 2 tot 7 vragen per tijdvak: “What is the function/purpose/goal of paragraph X?” of “How does the writer introduce the subject in paragraph 1?” (1p).
Wat moet je kunnen?
- Benoemen welke rol een alinea, zin of voorbeeld heeft in het geheel.
- De werkwoorden in de opties (to illustrate, to question, to refute) precies onderscheiden.
- Herkennen hoe een schrijver een onderwerp inleidt (anekdote, citaat, vraag, provocatie).
De kern
| Functiewoord in de optie | Betekenis | Herken je aan |
|---|---|---|
| to introduce | onderwerp neerzetten | begin van de tekst, anekdote, scène |
| to illustrate | voorbeeld bij een bewering | for example, een casus |
| to elaborate on | vorige punt verder uitwerken | moreover, what is more |
| to qualify / to nuance | beperken, afzwakken | admittedly, of course, but |
| to refute / to challenge | tegenspreken | however, this is wrong |
| to explain | oorzaak of werking geven | because, this is why |
| to sum up / to conclude | samenvatten | in short, slot van de tekst |
Aanpak
- Bepaal wat de alinea zegt (hoofdgedachte).
- Vergelijk met de alinea ervoor en erna: waarom staat dit hier?
- Kies het werkwoord dat die rol beschrijft; controleer ook het object in de optie (to illustrate what?).
Zo wordt het gevraagd
- “What is the function of paragraph 5?” (2026-2 vraag 12) of “What is the goal of paragraph 6?” (2026-1 vraag 11).
- “What is the purpose of paragraphs 8-9?” (2025-1 vraag 18).
- “How does the author introduce the subject of parody in paragraph 1?” (2025-1 vraag 20); dezelfde vorm in 2019-2 vraag 6, 10 en 29.
- Functie van een zinsdeel: “What is the function of the examples in this sentence?” (2024-1 vraag 14).
Uitgewerkt voorbeeld
Functie van een alinea (examenstijl, vergelijk 2026-2 vraag 12)
Eigen voorbeeld. Alinea 3 zegt: Remote work saves time and money. Alinea 4: Admittedly, not everyone thrives at home: some miss colleagues and structure. Alinea 5 gaat verder over de voordelen. What is the function of paragraph 4?
- A. to illustrate the advantages mentioned in paragraph 3 → alinea 4 noemt nadelen
- B. to qualify the positive picture painted in paragraph 3 → klopt: Admittedly + beperking
- C. to refute the claim made in paragraph 3 → te sterk: de schrijver blijft positief
- D. to sum up the argument so far → er wordt niets samengevat
Antwoord: B. Controle: alinea 5 gaat weer verder met de voordelen, dus alinea 4 weerlegt niets. ✓
Hoe wordt het onderwerp ingeleid? (examenstijl, vergelijk 2019-2 vraag 6)
Opent een tekst met een persoonlijk verhaal over een mislukte vakantie, gevolgd door cijfers over reisklachten, dan is de functie: by starting with a personal experience that illustrates a wider problem. Let op: de vraag gaat over de manier van inleiden, niet over de inhoud.
Valkuilen
- De inhoud van de alinea kiezen in plaats van haar rol.
- Nuanceren en weerleggen verwarren (qualify is zwakker dan refute).
- Alleen het werkwoord checken en het object vergeten (to illustrate the risks terwijl de alinea kansen illustreert).
- De functie bepalen zonder naar de alinea’s ervoor en erna te kijken.
Test jezelf
Een alinea begint met Of course, there are exceptions. Welke functie ligt voor de hand?
Nuanceren (to qualify) van de voorgaande bewering.
Wat is het verschil tussen een hoofdgedachte- en een functievraag?
Hoofdgedachte: wat zegt de alinea? Functie: waarom staat de alinea daar, wat doet hij in de tekst?
Examenvragen om te oefenen
Doe deze vragen uit echte examens
- 2025 tijdvak 1, vraag 18 en 20: purpose van alinea 8-9, inleiding van het onderwerp (1p + 1p)
- 2026 tijdvak 2, vraag 12 en 34: functie van alinea 5 en van een tussenzin (1p + 1p)
- 2019 tijdvak 2, vraag 6, 10 en 29: drie keer “How does the writer introduce …” (1p per vraag)
- 2018 tijdvak 1, vraag 6 en 23: functie van alinea’s met “to”-opties (1p + 1p)
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 8 van de 8 onderzochte examenjaren (2018–2026, 2020: geen examen gehouden) — 100%. Doorgaans 2 tot 5 hits per tijdvak, structureel het op één na meest voorkomende leesvaardigheidsconcept na Hoofdgedachte.
- 2026 tijdvak 2 — 5/42: vraag 6, 12, 32, 34 (functie van een tussenzin, nieuwe variant), 37.
- 2026 tijdvak 1 — 2/43: vraag 11, 33.
- 2025 tijdvak 2 — 5/41: vraag 16, 21 (NL, open vraag), 26, 28, 31 — alle met het klassieke “to”+werkwoord-optiepatroon.
- 2025 tijdvak 1 — 4/42: vraag 1, 18, 20, 30 — opties met “by”+gerundium of “to”+werkwoord.
- 2024 tijdvak 2 — 7 hits (meest voorkomende alineastructuurconcept dit tijdvak): vraag 12, 16, 18, 19, 20, 23, 36.
- 2024 tijdvak 1 — 5 hits: vraag 5, 14, 22, 23, 33.
- 2023 tijdvak 2 — 3 hits: vraag 8, 20, 29.
- 2023 tijdvak 1 — 4 hits: vraag 2, 14, 17, 28 — vraag 28 noemt de conceptnaam letterlijk in de vraagstelling (“What is the function of this remark?”).
- 2022 tijdvak 3 — 2/41: vraag 10, 26.
- 2022 tijdvak 2 — 2 hits (2/46 punten, ~4%): vraag 4, 23.
- 2022 tijdvak 1 — 4 hits: vraag 7, 17, 24, 29.
- 2021 tijdvak 3 — 3/44: vraag 23, 25, 26.
- 2021 tijdvak 2 — 4/42: vraag 15, 17, 18, 36 — drie van de vier bij dezelfde tekst (Silicon Valley).
- 2021 tijdvak 1 — 4/42 (+1 grensgeval): vraag 16, 20, 25, 38.
- 2019 tijdvak 2 — 3/41: vraag 6, 10, 29 — alle drie exact hetzelfde format “How does [de schrijver] introduce the subject/zijn recensie in paragraphs 1 and 2?”
- 2019 tijdvak 1 — 2 hits: vraag 19, 27.
- 2018 tijdvak 2 — 4 hits: vraag 21, 24, 32, plus randgeval vraag 9.
- 2018 tijdvak 1 — 3 hits: vraag 6, 23, plus grensgeval vraag 37 (functie van een verwijzing i.p.v. een hele alinea).
- Vaste variant: “How does the writer introduce the subject in paragraph(s) X?” als openingsvraag per tekst (2018-1 v6, 2019-2 v6/10/29, 2021-1 v20, 2021-3 v25, 2025-1 v1/v20/v30, 2026-2 v6) — komt vaker voor bij de eerste alinea(‘s) van een tekst dan bij latere alinea’s.
Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt
- (geen)