Prioriteit: 🟠 Midden

In 4 van de 8 onderzochte examenjaren, als “schat …” of “bepaal de orde van grootte” (2–4p), bijvoorbeeld een oppervlak, een nauwkeurigheid of een aantal deeltjes.

Wat moet je kunnen?

  • Een schatting maken met expliciete aannames en tussenstappen.
  • De orde van grootte van een uitkomst geven en vergelijken met bekende waarden.
  • Een uitkomst achteraf op plausibiliteit controleren.

De kern

ExamenwerkwoordWat je laat zien
schatteneen aanname (met getal) + een berekening of redenering
orde van groottede macht van 10, bijvoorbeeld W
  • Schrijf elke aanname op: “Ik neem aan dat een dak 8 m bij 5 m is.”
  • Een schatting zonder tussenstappen levert geen punten op.
  • Een uitkomst alleen als orde van grootte noteren telt niet als volledige berekening, tenzij de vraag erom vraagt.
  • Handige referenties: mens ≈ 70 kg en 1,8 m, lamp ≈ 10 W, waterkoker ≈ 2 kW, auto ≈ 1000 kg.

Zo wordt het gevraagd

  • Frontale oppervlakte van een schaatser in de schaatshouding beredeneerd schatten (2025-1 vraag 4, 3p).
  • Oppervlakte van zonnepanelen beredeneerd schatten als basis voor een vermogensberekening (2021-3 vraag 14, 4p).
  • Orde van grootte van de plaatsbepalingsnauwkeurigheid uit de looptijd van een signaal (2021-3 vraag 17).
  • Orde van grootte van het maximale vermogen vergelijken met alledaagse apparaten (2026-2 vraag 15).

Uitgewerkt voorbeeld

Zonnepanelen op een dak (examenstijl, vergelijk 2021-3 vraag 14)

  1. Aanname: bruikbaar dak 8 m × 5 m = 40 m²
  2. Aanname: zonne-intensiteit W/m², rendement 20%
  3. W (orde W)

Valkuilen

  • Alleen een getal geven zonder aanname of berekening.
  • Onrealistische aannames (een dak van 1000 m²).
  • Het antwoord in te veel significante cijfers geven.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
  • (geen: vaardigheid)
Onderwerpen die dit ondersteunt
  • (geen)