Prioriteit: π’ Laag
In 1 van de 8 onderzochte examenjaren, als isotopennotatie of het aantal neutronen van een deeltje.
Wat moet je kunnen?
- Uit de notatie het aantal protonen, neutronen en elektronen afleiden.
- Isotopen herkennen en weten wat ze gemeen hebben.
De kern
| Deeltje | Lading | Massa |
|---|---|---|
| proton | +1 | β 1 u |
| neutron | 0 | β 1 u |
| elektron | β1 | verwaarloosbaar |
- Atoomnummer = aantal protonen. Massagetal = protonen + neutronen. Neutronen = .
- Isotopen: zelfde , ander ; chemisch (vrijwel) gelijk, massa verschilt (zie Massaspectrometrie interpreteren).
- Ion: aantal elektronen = β lading.
- Een Ξ±-deeltje is een β΄He-kern: 2 protonen en 2 neutronen.
Valkuilen
- Massagetal en atoommassa (in u, met decimalen) door elkaar halen.
- Bij een positief ion elektronen optellen in plaats van aftrekken.
Test jezelf
Hoeveel neutronen heeft Β²Β³βΈU (Z = 92)?
146
Hoeveel elektronen heeft FeΒ³βΊ (Z = 26)?
23
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 1 van de 8 onderzochte examenjaren (2018β2026, 2020: geen examen gehouden) β 12,5%.
- 2023 tijdvak 1: vraag 7, 9
Ondersteunende onderwerpen
- (geen: basiskennis)