Prioriteit: 🟠 Midden

In 4 van de 8 onderzochte examenjaren, meestal als ladingsbalans (bijv. twee soorten Fe-ionen in één zout) of als ionen herkennen in een context (2p).

Wat moet je kunnen?

  • Formule en naam van veelvoorkomende enkelvoudige en samengestelde ionen geven.
  • Een ladingsbalans opstellen, ook met twee soorten ionen van hetzelfde metaal.
  • Redeneren met vaste ladingen en tegenionen (bijv. in een membraan of polymeer).

De kern

KationenAnionen
Na⁺, K⁺, Ag⁺, NH₄⁺, H₃O⁺Cl⁻, OH⁻, NO₃⁻, HCO₃⁻, CH₃COO⁻
Ca²⁺, Mg²⁺, Cu²⁺, Zn²⁺, Fe²⁺O²⁻, S²⁻, SO₄²⁻, CO₃²⁻
Al³⁺, Fe³⁺PO₄³⁻
  • Metalen vormen positieve ionen, niet-metalen negatieve.
  • In een zout is de totale positieve lading gelijk aan de totale negatieve lading (zie Verhoudingsformule van zouten).
  • Een metaal met meer ladingen (Fe²⁺/Fe³⁺, Cu⁺/Cu²⁺): de lading staat in de naam, bijv. ijzer(III)oxide.

Zo wordt het gevraagd

  • Ladingsbalans met O²⁻-ionen en twee soorten Fe-ionen in één zout (2025-2 vraag 15).
  • Lading en aantal ionen in een cluster (Fe²⁺, Fe³⁺, S²⁻) bepalen (2023-2 vraag 8 en 12).
  • Uitleggen of een monomeereenheid met een vaste lading in een anion- of kationwisselend membraan zit (2021-3 vraag 14).

Uitgewerkt voorbeeld

Twee soorten ijzerionen (examenstijl, vergelijk 2025-2 vraag 15)

Magnetiet Fe₃O₄ bevat Fe²⁺ en Fe³⁺. Hoeveel van elk?

  1. Negatieve lading:
  2. Stel Fe²⁺ en Fe³⁺: en
  3. Oplossing: 1 Fe²⁺ en 2 Fe³⁺

Controle: . ✓

Valkuilen

  • Samengestelde ionen verkeerd onthouden (SO₄²⁻ versus SO₃²⁻, NO₃⁻ versus NO₂⁻).
  • Bij een metaal met meerdere ladingen de lading niet uit de naam of de balans afleiden.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt