Prioriteit: 🟢 Laag

In 2 van de 8 onderzochte examenjaren, als uitleg waarom een deeltje (niet) door een membraan gaat, of wat de pH doet met binding van een ion.

Wat moet je kunnen?

  • Uitleggen waarom een geladen deeltje het celmembraan niet passeert en een klein ongeladen deeltje wel.
  • Redeneren hoe de pH de lading van een deeltje of een bindingsplaats verandert.

De kern

  • Celmembraan: dubbellaag van fosfolipiden, hydrofiele koppen buiten, hydrofobe staarten binnen (zie Vetten).
  • Kleine, ongeladen, weinig polaire deeltjes gaan erdoor; ionen niet (zie Hydrofiel en hydrofoob).
  • De pH bepaalt de lading van zwakke zuren en basen: HClO (ongeladen) tegenover ClO⁻ (geladen).
  • Bij lage pH worden restgroepen van eiwitten geprotoneerd; een metaalion dat daaraan gebonden was, kan dan vrijkomen.

Valkuilen

  • “Het ion is te groot” als reden geven: het gaat om de lading tegenover de apolaire binnenkant.
  • Vergeten dat de pH bepaalt welke vorm (geladen of ongeladen) overheerst.

Test jezelf


Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt
  • (geen)