Prioriteit: 🟠 Midden
In 4 van de 6 onderzochte examenjaren: een financieringstekort berekenen, of aandelen en obligaties als financieringsvorm vergelijken.
Wat moet je kunnen?
- Aandelen- en obligatiefinanciering vergelijken (eigen tegenover vreemd vermogen, kosten, zeggenschap, risico).
- Het bedrag berekenen dat nog geleend moet worden om een investering rond te krijgen.
- Het belang van de vermogensmarkt uitleggen.
De kern
| Aandelen | Obligaties | |
|---|---|---|
| soort vermogen | eigen vermogen | vreemd vermogen |
| vergoeding | dividend (afhankelijk van winst) | vaste interest |
| terugbetalen | nee | ja, aflossen |
| zeggenschap | nieuwe aandeelhouders krijgen stemrecht | geen stemrecht |
| gevolg solvabiliteit | verbetert | verslechtert |
- Openbaar (via de beurs) kan alleen bij een beursgenoteerde nv; een bv financiert onderhands (zie Vermogensmarkt en toezichthouders).
- Andere bronnen: banklening, crowdfunding, onderhandse lening, lease (zie Vormen van lang vreemd vermogen).
- Nadelen van nieuwe aandelen voor zittende aandeelhouders: minder zeggenschap en winst per aandeel (verwatering).
Zo wordt het gevraagd
- “Bereken het bedrag dat … nog geleend moet worden om de financiering … rond te krijgen” (2025-2 vraag 10).
- Een bancaire lening met borgstelling vergelijken met een combinatie van financieringsvormen (2023-2 vraag 5 en 15).
- Een aandelenemissie tegenover een obligatielening als manier om af te lossen (2021-3 vraag 27).
Uitgewerkt voorbeeld
Financieringstekort (examenstijl, vergelijk 2025-2 vraag 10)
Een bv investeert €2.000.000. De eigenaren brengen €600.000 in; de bank financiert hoogstens 50% van de investering.
- Banklening:
- Nog nodig: €400.000, bijvoorbeeld via een onderhandse lening.
Valkuilen
- Een obligatielening tot het eigen vermogen rekenen.
- Denken dat een bv aandelen op de beurs kan uitgeven.
- Vergeten dat dividend niet verplicht is, maar interest wel.
Test jezelf
Noem een voordeel van aandelen boven obligaties voor het bedrijf.
Geen verplichte interest en geen aflossing; de solvabiliteit verbetert.
Waarom kiezen zittende aandeelhouders soms liever voor een obligatielening?
Ze houden hun zeggenschap, en de winst hoeft niet over meer aandelen te worden verdeeld.
Examenvragen om te oefenen
Doe deze vragen uit echte examens
- 2025 tijdvak 2, vraag 10 en 17: financieringstekort
- 2023 tijdvak 2, vraag 5 en 15: financieringsvormen vergelijken
- 2021 tijdvak 3, vraag 27: aandelenemissie en obligatielening
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 4 van de 6 onderzochte examenjaren (2021-2026) — 66,7%.
- 2025 tijdvak 2: vraag 10, 17
- 2024 tijdvak 2: vraag 13
- 2023 tijdvak 2: vraag 5, 15
- 2023 tijdvak 1: vraag 23
- 2021 tijdvak 3: vraag 27