Prioriteit: đźź  Midden

In 5 van de 8 onderzochte examenjaren, als uitleg van het dalende verband, van een verschuiving, of van de helling (effectiviteit van monetair beleid).

Wat moet je kunnen?

  • Uitleggen waarom de IS-curve daalt.
  • Bepalen wat een verschuiving van de IS-curve veroorzaakt.
  • Uitleggen wat een steilere of vlakkere IS-curve betekent voor monetair beleid.

De kern

  • Assen: horizontaal Y, verticaal de reĂ«le rente r.
  • Dalend verband: lagere r → lenen goedkoper, sparen minder aantrekkelijk → consumptie en investeringen ↑ → via de multiplier een hoger Y.
VeranderingEffect
reële rente verandertbeweging langs de IS-curve
meer vertrouwen, hogere O, lagere B, meer exportIS naar rechts
minder vertrouwen, bezuinigingenIS naar links
bestedingen minder rentegevoeligIS steiler → renteverlaging heeft minder effect
  • De IS-curve bouwt voort op het Keynesiaans kruis: elke rente geeft een ander evenwicht in het kruis.

Zo wordt het gevraagd

  • “Leg dit dalend verband tussen de reĂ«le rente en het inkomen uit.” (2026-1 vraag 12).
  • “Leg uit of monetair beleid effectiever of minder effectief is geworden door de gedragsverandering” (2025-1 vraag 23).
  • “Leg de stelling van Tango uit. Betrek de helling van de IS-curve in je antwoord” (2023-1 vraag 24).
  • “Leg uit hoe een toename van de geldhoeveelheid via de vermogensmarkt op korte termijn leidt tot een hogere productie op de goederenmarkt.” (2021-2 vraag 18).

Uitgewerkt voorbeeld

Dalend verband (examenstijl, vergelijk 2026-1 vraag 12)

  1. De reële rente daalt van 3% naar 2%.
  2. Lenen voor een huis of machine wordt goedkoper; sparen levert minder op.
  3. Investeringen en consumptie stijgen: de bestedingen nemen toe.
  4. Via de multiplier stijgt het evenwichtsinkomen: een punt verder naar rechts op de IS-curve.

Valkuilen

  • Een renteverandering als verschuiving van de IS tekenen.
  • Nominale rente op de verticale as zetten (het is de reĂ«le rente).
  • “Steiler” en “vlakker” verwarren bij de uitleg over rentegevoeligheid.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt