Prioriteit: đź”´ Hoog
In 8 van de 8 onderzochte examenjaren, 1 tot 4 vragen per tijdvak: redeneringen “via de valutamarkt” en rekenvragen met wisselkoersen of valuta-interventies.
Wat moet je kunnen?
- Een redenering via de valutamarkt opbouwen: wat gebeurt er met vraag naar of aanbod van de munt?
- Het effect van appreciatie en depreciatie op export, import, inflatie en concurrentiepositie uitleggen.
- Uitleggen hoe een centrale bank een vaste koers verdedigt (rente, interventie) en wat dat kost.
- Rekenen met wisselkoersen en procentuele koersveranderingen.
De kern
| Oorzaak | Valutamarkt | Wisselkoers |
|---|---|---|
| hogere rente | kapitaalinvoer → vraag naar de munt stijgt | appreciatie |
| lagere rente | kapitaaluitvoer → aanbod van de munt stijgt | depreciatie |
| meer export (overschot lopende rekening) | buitenlanders kopen de munt | appreciatie |
| meer import | ingezetenen bieden de munt aan | depreciatie |
| Gevolg van | Appreciatie | Depreciatie |
|---|---|---|
| export | duurder, concurrentiepositie ↓ | goedkoper, concurrentiepositie ↑ |
| import | goedkoper → inflatie ↓ | duurder → inflatie ↑ |
- Vaste koers onder druk (koers dreigt te dalen): de centrale bank koopt de eigen munt op met haar valutareserve, of verhoogt de rente. Rente verhogen is slecht in een laagconjunctuur.
- Vaste koers + vrij kapitaalverkeer → geen eigen rentebeleid (zie Trilemma van het monetair beleid).
- “Dutch disease”: grote grondstofexport → appreciatie → andere exportsectoren verliezen concurrentiekracht.
Zo wordt het gevraagd
- “Leg uit welk effect dit positieve saldo, via de valutamarkt, heeft op de internationale concurrentiepositie van Australië” (2026-1 vraag 24).
- “Leg uit of de centrale bank de rente zal verlagen of verhogen om de vaste wisselkoers te kunnen handhaven.” (2025-2 vraag 16).
- “Bereken de wisselkoers van de dollar in yen voor de depreciatie” (2023-2 vraag 17).
- “Een verhoging van de rente kan, via de valutamarkt, een recessie zowel verergeren als afzwakken. Onderbouw de conclusie van de analist.” (2021-2 vraag 15, 3p).
Uitgewerkt voorbeeld
Koers terugrekenen (examenstijl, vergelijk 2023-2 vraag 17)
Na een depreciatie van 20% is 1 yen $0,0080 waard. Hoeveel yen kostte een dollar vóór de depreciatie?
- Vóór: 0{,}0080 / 0{,}80 = \0{,}0100$ per yen
- Een dollar kostte toen 100 yen (na de depreciatie: 125 yen)
Keten via de valutamarkt (examenstijl, vergelijk 2023-2 vraag 18)
Japanse centrale bank verlaagt de rente → beleggen in yen levert minder op → minder vraag naar yen en meer aanbod (kapitaal vloeit weg) → de yen deprecieert → Japanse export wordt goedkoper.
Valkuilen
- Vraag en aanbod van de munt door elkaar halen (import = aanbod van eigen munt).
- “Depreciatie van de euro” verwarren met “de dollar wordt goedkoper” (het is andersom).
- De stap “via de valutamarkt” overslaan terwijl die gevraagd wordt.
- Procentuele koersverandering van de ene munt gelijkstellen aan die van de andere (20% depreciatie van de yen is 25% appreciatie van de dollar).
Test jezelf
De euro apprecieert tegenover de dollar. Wat gebeurt er met de Europese inflatie?
Import uit dollarlanden wordt goedkoper, dus de inflatie daalt.
Hoe kan een centrale bank voorkomen dat haar munt onder de vaste koers zakt?
Eigen munt opkopen met valutareserves, of de rente verhogen om kapitaal aan te trekken.
Examenvragen om te oefenen
Doe deze vragen uit echte examens
- 2023 tijdvak 2, vraag 17–19: doelbewust depreciëren (2p per vraag)
- 2022 tijdvak 3, vraag 14–16: vaste koers verdedigen (2p per vraag)
- 2021 tijdvak 2, vraag 15: rente verhogen in een recessie (3p)
- 2023 tijdvak 1, vraag 8–9: koersdaling en valuta-interventie (2p + 2p)
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 8 van de 8 onderzochte examenjaren (2018–2026, 2020: geen examen gehouden) — 100%.
- 2026 tijdvak 2: vraag 21
- 2026 tijdvak 1: vraag 24
- 2025 tijdvak 2: vraag 13, 16
- 2025 tijdvak 1: vraag 20
- 2024 tijdvak 2: vraag 14, 27
- 2024 tijdvak 1: vraag 13, 17
- 2023 tijdvak 2: vraag 17, 18
- 2023 tijdvak 1: vraag 6, 8, 9
- 2022 tijdvak 3: vraag 6, 14, 15, 16
- 2022 tijdvak 2: vraag 24
- 2022 tijdvak 1: vraag 13 (mechanisme)
- 2021 tijdvak 3: vraag 27, 28
- 2021 tijdvak 2: vraag 11, 15
- 2021 tijdvak 1: vraag 28
- 2019 tijdvak 1: vraag 3, 18(sec), 19
- 2018 tijdvak 2: vraag 18, 19
- 2018 tijdvak 1: vraag 30, 32(sec)