Prioriteit: 🟢 Laag
In 1 van de 8 onderzochte examenjaren (2026 tijdvak 2), dan wel in drie vragen: bewegingsrichting van atomen en de verbreding van een spectraallijn.
Wat moet je kunnen?
- Kwalitatief uitleggen hoe frequentie en golflengte veranderen bij naderen en verwijderen.
- Een verbrede spectraallijn verklaren: atomen bewegen alle kanten op, dus sommige lijnen verschuiven naar rood en andere naar blauw.
De kern
| Beweging van de bron | Waargenomen | Waargenomen |
|---|---|---|
| naar de waarnemer toe | hoger | korter (blauwverschuiving) |
| van de waarnemer af | lager | langer (roodverschuiving) |
| loodrecht op de kijklijn | geen verschuiving | geen verschuiving |
- Alleen de snelheidscomponent langs de kijklijn telt.
- Heter gas: atomen bewegen sneller, dus een bredere lijn.
- De kwantitatieve versie voor sterren: zie Dopplereffect bij sterren.
Valkuilen
- Denken dat de bron zelf een andere frequentie uitzendt.
- Rood- en blauwverschuiving omdraaien.
- Een beweging dwars op de kijklijn laten meetellen.
Test jezelf
Een ambulance rijdt van je af. Hoor je de sirene hoger of lager?
Lager: de golflengte wordt langer, de frequentie lager.
Waarom wordt een spectraallijn van een heet gas breder?
De atomen bewegen sneller in alle richtingen: meer spreiding in de dopplerverschuiving.
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 1 van de 8 onderzochte examenjaren (2018-2026, 2020: geen examen gehouden) — 12,5%.
- 2026 tijdvak 2: vraag 21, 22, 23