Prioriteit: 🟠 Midden

In 4 van de 8 onderzochte examenjaren, als tussenstap in een grotere berekening; de dichtheid wordt meestal gegeven.

Wat moet je kunnen?

  • Omrekenen tussen massa en volume met een gegeven dichtheid.
  • Eenheden van dichtheid omrekenen.
  • Het volume van een oplossing berekenen uit massapercentage en dichtheid.

De kern

Gelijke waarden
1 g cm⁻³= 1 kg L⁻¹ = 10³ kg m⁻³ = 10³ g L⁻¹
  • Water: kg L⁻¹. Gassen hebben een veel kleinere dichtheid (H₂: g cm⁻³, gegeven in 2024-2).
  • Bij een oplossing: de dichtheid geldt voor de hele oplossing, niet voor de opgeloste stof.

Zo wordt het gevraagd

  • “Bereken het volume in L geconcentreerd zwavelzuur …” met gegeven massa-% en dichtheid in kg L⁻¹ (2019-1).
  • “De dichtheid van methaanzuur is 1,22·10³ kg m⁻³” als gegeven voor massa → volume (2024-1).

Uitgewerkt voorbeeld

Volume van een oplossing (examenstijl, vergelijk 2019-1 vraag 1)

Nodig: 49 g H₂SO₄. Geconcentreerd zwavelzuur is 96 massa-%, kg L⁻¹.

  1. Massa oplossing: g
  2. kg L⁻¹ g L⁻¹
  3. L = 28 mL

Valkuilen

  • g en kg of L en m³ door elkaar halen.
  • De dichtheid van de oplossing gebruiken voor alleen de opgeloste stof.
  • Delen waar je moet vermenigvuldigen: controleer de eenheden.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
  • (geen: basisgrootheid)
Onderwerpen die dit ondersteunt