Prioriteit: 🟠 Midden

In 3 van de 8 onderzochte examenjaren: een reden voor een norm, een berekening aan broeikaseffect of explosiegevaar, of maatregelen voor veiligheid (1–3p).

Wat moet je kunnen?

  • Uitleggen waarom een norm voor een stof laag is (giftig, zure regen, broeikasgas).
  • Het effect op het broeikaseffect berekenen met GWP-waarden.
  • Redenen geven waarom een procesaanpassing veiliger is, en berekenen of er explosiegevaar is.

De kern

  • Grenswaarde: maximaal toegestane concentratie; vergelijk je berekende ppm of mg m⁻³ ermee (zie Percentage ppm en ppb).
  • GWP (global warming potential): hoeveel keer sterker een gas bijdraagt aan het broeikaseffect dan CO₂. Bijdrage = massa × GWP (in kg CO₂-equivalent).
  • SO₂ en NOₓ: giftig en veroorzaken zure regen.
  • Veiligheid: verdunnen met een inerte stof (warmte wordt opgenomen, reactie verloopt rustiger), temperatuur bewaken, reactiewarmte afvoeren.
  • Explosiegevaar inschatten: reactiewarmte → temperatuurstijging met (zie Reactie-energie exotherm endotherm).

Zo wordt het gevraagd

  • “Geef een reden dat de norm vereist dat de maximale uitstoot van SO₂ laag is” (2025-1): 1p.
  • “Geef twee redenen waarom het toevoegen van propanon aan de instroom in R3 bijdraagt aan een veilig proces” (2018-1): 2p.
  • “Ga door berekening na of er in dit geval sprake is van explosiegevaar” (2018-1): 3p.
  • Afname van de bijdrage aan het broeikaseffect berekenen met GWP-waarden (2023-2).

Uitgewerkt voorbeeld

Broeikaseffect met GWP (examenstijl, vergelijk 2023-2 vraag 25)

Een fabriek stoot jaarlijks 10 kg koelgas uit met GWP = 1300. Het wordt vervangen door een gas met GWP = 4 (zelfde massa).

  1. Oud: kg CO₂-eq
  2. Nieuw: kg CO₂-eq
  3. Afname: 1,30·10⁴ kg CO₂-equivalent per jaar (afgerond)

Valkuilen

  • Bij GWP de massa vergeten te vermenigvuldigen.
  • Algemene antwoorden geven (“slecht voor het milieu”) zonder concreet effect te noemen.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt