Prioriteit: 🔴 Hoog
In 6 van de 8 onderzochte examenjaren, zelden in de vraagstelling maar vaak als kernstap in het correctievoorschrift van een bewijs of herleiding.
Wat moet je kunnen?
- vervangen door (of andersom) om een vergelijking tot één functietype te herleiden.
- berekenen als bekend is (en andersom), met beide tekens.
- De grondformule herkennen in een bewijs (bijvoorbeeld in een lengte).
De kern
| Herschrijving | Gebruik |
|---|---|
| vergelijking alleen in krijgen | |
| vergelijking alleen in krijgen | |
| uit |
- Daarna vaak een substitutie: geeft een kwadratische vergelijking (zie Goniometrische vergelijkingen).
- Bij een lengte geeft de grondformule .
- Zie ook Som- en verschilformules.
Zo wordt het gevraagd
- geeft via de grondformule of (2026-1 vraag 15).
- herleiden tot een vergelijking in alleen (2026-1 vraag 14).
- herleiden tot (2022-2 vraag 11).
- De noemer herschrijven met (2019-1 vraag 10).
Uitgewerkt voorbeeld
Herleiden tot cos x
Los op: op .
- :
- Stel :
- of
- , , ,
sin uit cos (examenstijl, vergelijk 2026-1 vraag 15)
. , dus of . Welke van de twee het is, volgt uit het kwadrant waarin ligt.
Valkuilen
- Bij het minteken vergeten.
- lezen als .
- denken (zonder kwadraten klopt het niet).
Test jezelf
Vereenvoudig .
(voor ).
en ligt in het tweede kwadrant. Bereken .
(positief in het tweede kwadrant), dus .
Examenvragen om te oefenen
Doe deze vragen uit echte examens
- 2026 tijdvak 1, vraag 14 en 15: herleiden tot en sin uit cos (6p + 5p)
- 2022 tijdvak 2, vraag 11: herleiden tot (5p)
- 2019 tijdvak 1, vraag 10: noemer herschrijven (6p)
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 6 van de 8 onderzochte examenjaren (2018–2026, 2020: geen examen gehouden): 2018, 2019, 2021, 2022, 2025, 2026 — 75%.
- 2026 tijdvak I
- Vraag 14 (6p): zichtbaar in correctievoorschrift — sin²(x)+cos²(x)=1 gebruikt om f’(x)=0 te herleiden tot een vergelijking in alleen cos(x); ook bij het kwadrateren van 2cos(x)+2=−sin(x) wordt sin²(x)=1−cos²(x) gebruikt.
- Vraag 15 (5p): zichtbaar in correctievoorschrift — cos(x)=−0,6 geeft via sin²(x)+cos²(x)=1 dat sin(x)=0,8 of sin(x)=−0,8.
- Komt 2× terug, kernstap van het bewijs/de berekening (meerdere scorepunten hangen hiervan af).
- 2025 tijdvak I
- Vraag 4 (4p): zichtbaar in correctievoorschrift — gebruik van sin²(t)+cos²(t)=1 (of 1−cos²(t) substitutie) om x² te herleiden naar een uitdrukking in y=cos(t).
- Komt 1× voor, kernstap van het bewijs (meerdere van de 4 scorepunten hangen hiervan af).
- 2022 tijdvak II
- Vraag 11 (5p): zichtbaar in correctievoorschrift — 4cos(t)+2cos²(t)+2sin²(t)=0 herleid met behulp van sin²(t)+cos²(t)=1 tot cos(t)=−½ (of via sin²(t)+cos²(t)=1 in het alternatief met richtingscoëfficiënten).
- Komt 1× voor, kernstap van de herleiding (meerdere van de 5 scorepunten hangen hiervan af).
- 2021 tijdvak II
- Vraag 2 (3p): zichtbaar in correctievoorschrift — cos²(t)=1−sin²(t) (of omgekeerd) gebruikt om aan te tonen dat het punt op de raaklijn ligt.
- Komt 1× voor, kernstap van het bewijs (het merendeel van de 3 scorepunten hangt hiervan af).
- 2021 tijdvak III
- Vraag 2 (6p): zichtbaar in correctievoorschrift — herleiding gebruikt 4sin²(x)cos(x) = 4cos(x)(1−cos²(x)), dus sin²(x)=1−cos²(x) als tussenstap in het bewijs van f’(x).
- Komt 1× voor, tussenstap in een groter bewijs (1 van de 6 scorepunten).
- 2019 tijdvak I
- Vraag 10 (6p): zichtbaar in correctievoorschrift — sin²(x)+cos²(x)=1 gebruikt om de noemer p−sin²(x) te herschrijven in cos²(x).
- Vraag 11 (6p): zichtbaar in correctievoorschrift — zelfde herleiding, sin²(x)=1 ⇒ cos²(x)=0 e.d.
- Komt 2× voor, telkens kernstap van de herleiding (meerdere scorepunten hangen hiervan af).
- 2018 tijdvak I
- Vraag 16 (5p): impliciet zichtbaar in correctievoorschrift — AC²=(1−cos(t))²+(sin(t))² wordt (via sin²(t)+cos²(t)=1) herschreven tot de gelijkwaardige, eenvoudigere vorm 2−2cos(t).
- Komt 1× voor, ondersteunende (niet expliciet uitgeschreven) rekenstap bij de herleiding van de vergelijking.
Ondersteunende onderwerpen
- (geen)