Prioriteit: 🔴 Hoog

In 8 van de 8 onderzochte examenjaren, 1 tot 8 vragen per tijdvak, vooral bij ingezonden brieven, opiniestukken en recensies (1p).

Wat moet je kunnen?

  • Uitleggen waarom een schrijver een voorbeeld, persoon of citaat noemt.
  • De toon van een zin, alinea of hele tekst typeren met het juiste Engelse bijvoeglijk naamwoord.
  • Ironie en sarcasme herkennen, maar ook herkennen wanneer iets gewoon gemeend is.

De kern

ToonwoordBetekenis
critical, disapprovingafkeurend
ironic, sarcastic, tongue-in-cheekhet tegendeel bedoelen, spottend
admiring, appreciativebewonderend, waarderend
sceptical, doubtfultwijfelend
indignantverontwaardigd
matter-of-fact, detached, impartialzakelijk, afstandelijk
ambivalentgemengde gevoelens
condescendingneerbuigend

Signalen: waardegeladen woorden (absurd, brilliant), overdrijving, retorische vragen, aanhalingstekens rond een woord (afstand nemen), een onverwachte woordkeuze.

“Why does the writer mention X?”: het antwoord is een reden (om te illustreren, bekritiseren, relativeren), niet een samenvatting van X.

Zo wordt het gevraagd

  • “Why does Tracy L. Bealer mention a Star Trek character in her letter?” (2025-1 vraag 5).
  • “How can the tone of paragraph 6 be characterised best?” (2024-1 vraag 30), met opties als ambivalent / hopeful / matter-of-fact.
  • “How does Michelle Goldberg characterise Richard Reeves in paragraphs 3 and 4?” (2026-1 vraag 10).
  • “What is the irony here, according to Robert Glass?” (2025-2 vraag 1).

Uitgewerkt voorbeeld

Toon van een opmerking (examenstijl, vergelijk 2022-1 vraag 1)

Eigen voorbeeld: The council promised the new bridge would be finished “in no time”. Three years and two budget overruns later, it still ends halfway across the river. No time, indeed. How can the tone of “No time, indeed” be described best?

  • A. admiring → nee
  • B. diplomatic → nee
  • C. ironic → klopt: de schrijver herhaalt de belofte en bedoelt het tegendeel
  • D. indignant → te sterk; er staat geen uitgesproken woede

Antwoord: C.

Waarom noemt de schrijver dit? (examenstijl, vergelijk 2025-1 vraag 5)

  1. Zoek waar het genoemde (persoon, voorbeeld) staat.
  2. Kijk welke bewering het ondersteunt of tegenspreekt.
  3. Kies de optie die die reden geeft, niet de optie die alleen beschrijft wat het is.

Valkuilen

  • Overal ironie zien: controleer of de schrijver het niet gewoon meent.
  • Een te sterk toonwoord kiezen (furious waar critical past).
  • De mening van een geciteerde persoon aanzien voor die van de schrijver.
  • De betekenis van toonwoorden niet precies kennen (impartial, condescending): leer ze.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt