Prioriteit: 🔴 Hoog

In 8 van de 8 onderzochte examenjaren, 1 tot 10 vragen per tijdvak, vaak ingebed in een invulvraag, citeervraag of open vraag.

Wat moet je kunnen?

  • De bedoelde betekenis van een geciteerd woord of zinsdeel kiezen of herformuleren.
  • Figuurlijk taalgebruik (metafoor, idioom, gezegde) uitleggen in context.
  • Een gezegde koppelen aan een persoon of situatie in de tekst.

De kern

VraagvormAanpak
correct definition of ’…’ (paragraph X)lees de zin ervoor en erna; welke omschrijving past daar?
How can this be rephrased?zeg het in gewone taal, zonder het beeld
Which saying applies to X?wat is de situatie? kies het gezegde met dezelfde strekking
Leg uit wat … bedoelde (NL)eigen woorden, in het Nederlands, passend bij de context
  • Gebruik de context: een onbekend woord wordt vaak uitgelegd of geïllustreerd in dezelfde alinea.
  • Bij beeldspraak: wat is het gemeenschappelijke punt tussen het beeld en de werkelijkheid?
  • Een woordenboek mag, maar geeft de losse betekenis; de context beslist (zie Woordenboekgebruik in het examen).

Veelvoorkomende idiomen: barking up the wrong tree (verkeerde oorzaak zoeken), the pot calling the kettle black (de ander verwijten wat je zelf doet), there’s no such thing as a free lunch (alles heeft een prijs).

Zo wordt het gevraagd

  • “Which of the following is a correct definition of ‘the parallel usage convention’ (paragraph 5)?” (2025-1 vraag 14).
  • “‘it matters “what thoughts think thoughts”’ How can this be rephrased?” (2026-1 vraag 20).
  • “Which of the following expressions captures Simon Boyle’s criticism of Amanda Vanstone?” (2018-2 vraag 39): idioom kiezen.
  • “Leg uit wat de verkoper bedoelde met deze opmerking.” (2026-1 vraag 3): in het Nederlands.

Uitgewerkt voorbeeld

Herformuleren (examenstijl, vergelijk 2026-1 vraag 20)

Eigen voorbeeld: The new manager inherited a sinking ship: staff were leaving and clients had lost faith. How can “a sinking ship” be rephrased?

  • A. a company in serious trouble → klopt: de context (personeel weg, klanten ontevreden)
  • B. a firm in the shipping business → letterlijke afleider
  • C. a team that needs new leadership → wel waar, maar niet de betekenis van het beeld
  • D. an organisation that is growing too fast → tegenovergesteld

Antwoord: A.

Gezegde koppelen (examenstijl, vergelijk 2018-2 vraag 39)

Een politicus verwijt een ander verspilling, terwijl hij zelf net een dure reis op staatskosten heeft gemaakt. Passend: the pot calling the kettle black.

Valkuilen

  • De letterlijke betekenis kiezen bij figuurlijk taalgebruik.
  • Een optie kiezen die klopt met de tekst, maar niet de betekenis van het woord is.
  • Een woordenboekbetekenis overnemen die niet in de zin past.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt