Prioriteit: 🟠 Midden
In 4 van de 8 onderzochte examenjaren, meestal als afleiding van plus een berekening, of als verklaring van elektronendiffractie.
Wat moet je kunnen?
- De debroglie-golflengte berekenen uit , of .
- Afleiden dat voor een elektron na een versnelspanning .
- Uitleggen waarom diffractie van elektronen alleen zichtbaar is als vergelijkbaar is met de roosterafstand.
De kern
- is de constante van Planck.
- Hogere versnelspanning: grotere , dus kleinere ; de interferentieringen komen dichter bij elkaar.
- Diffractie aan een kristal is merkbaar als in de orde van de atoomafstand (≈ m) ligt.
- Zie Golf-deeltje dualiteit van licht: deeltjes gedragen zich ook als golf.
Zo wordt het gevraagd
- Afleiden van λ = h/√(2emU) uit en (2019-2 vraag 15, 3p).
- Debroglie-golflengte van elektronen na een versnelspanning van 5,0 kV (2019-2 vraag 16).
- met voor een elektron van 1,0 eV (2023-1 vraag 23).
- Uitleggen waarom bij lage versnelspanning geen interferentieringen zichtbaar zijn (2019-2 vraag 19).
Uitgewerkt voorbeeld
Elektron na 5,0 kV (examenstijl, vergelijk 2019-2 vraag 15–16)
- Afleiding: , dus
- m
Controle: kleiner dan een atoomafstand, dus diffractie aan een kristal geeft ringen dicht bij het midden. ✓
Valkuilen
- De massa van een proton gebruiken voor een elektron (of andersom).
- kV of eV niet omrekenen.
- Denken dat een snellere elektronenbundel een grotere golflengte heeft.
Test jezelf
Bereken van een elektron met eV.
m.
De versnelspanning wordt 2 keer zo groot. Wat gebeurt er met ?
: wordt keer zo groot.
Examenvragen om te oefenen
Doe deze vragen uit echte examens
- 2019 tijdvak 2, vraag 15–16 en 19: elektronendiffractie aan grafiet (3p + 2p + 2p)
- 2022 tijdvak 1, vraag 8: afleiden en berekenen met effectieve massa (5p)
- 2023 tijdvak 1, vraag 23: elektron van 1,0 eV (3p)
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 4 van de 8 onderzochte examenjaren (2018-2026, 2020: geen examen gehouden) — 50%.
- 2023 tijdvak 1: vraag 23
- 2022 tijdvak 1: vraag 8
- 2019 tijdvak 2: vraag 15, 16, 19
- 2018 tijdvak 1: vraag 9