Prioriteit: 🔴 Hoog
In 8 van de 8 onderzochte examenjaren, bijna altijd als los scorepunt binnen een teken- of grensstructuurvraag: “Geef ook formele ladingen aan”.
Wat moet je kunnen?
- De formele lading van elk atoom in een lewisstructuur berekenen en op het juiste atoom zetten.
- Uit het aantal bindingen en vrije elektronenparen direct zien of een atoom geladen is.
- Partiële ladingen (δ+/δ−) aangeven in een polaire binding.
- Met ladingen redeneren: waarom is een deeltje reactief, nucleofiel of juist niet meer nucleofiel?
De kern
Snelle herkenning (tel een dubbele binding als 2):
| Atoom | Neutraal | Positief (+) | Negatief (−) |
|---|---|---|---|
| C | 4 bindingen | 3 bindingen, geen vrij paar | 3 bindingen + 1 vrij paar |
| N | 3 bindingen + 1 vrij paar | 4 bindingen | 2 bindingen + 2 vrije paren |
| O | 2 bindingen + 2 vrije paren | 3 bindingen + 1 vrij paar | 1 binding + 3 vrije paren |
| F, Cl, Br, I | 1 binding + 3 vrije paren | – | – |
- De som van alle formele ladingen = de lading van het deeltje.
- Partiële lading: in een polaire atoombinding krijgt het atoom met de hoogste elektronegativiteit δ−, het andere δ+. Het is geen hele lading.
- Zet elke lading bij het atoom waar hij zit, niet los naast de structuur.
- In 2025-1 werd P met vijf bindingen (covalentie 5) geaccepteerd in een fosfaatgroep.
Zo wordt het gevraagd
- “Maak op de uitwerkbijlage de lewisstructuur van deze grensstructuur compleet. Geef ook formele ladingen aan” (2026-2, 2024-2). Het correctievoorschrift geeft een apart scorepunt voor consequent geplaatste formele ladingen.
- “Geef de bindende elektronenparen in de NO₂-groep weer. Geef de formele en partiële lading(en) aan” (2021-1).
- “Leid af wat de lading is van dit ion” aan de hand van het aantal bindingen aan N (2023-1).
- Redeneren: een N-atoom dat een H⁺ heeft opgenomen heeft geen vrij elektronenpaar meer (positief), dus is het niet meer nucleofiel (2025-2).
Uitgewerkt voorbeeld
De nitrogroep (examenstijl, vergelijk 2021-1 vraag 23)
In nitromethaan zit N aan C, met een dubbele binding aan het ene O en een enkele binding aan het andere O.
- N: 5 valentie-elektronen, 0 vrije elektronen, 4 bindingen → +1
- O (dubbel): 0
- O (enkel): 3 vrije paren, 1 binding → −1
Controle: en nitromethaan is neutraal. ✓
Lading van een ion afleiden (examenstijl, vergelijk 2023-1 vraag 22)
In een ion heeft één N-atoom vier bindingen en verder zijn alle atomen “normaal”.
- N met 4 bindingen en geen vrij paar: .
- Alle andere formele ladingen zijn 0.
- Lading van het ion: 1+.
Valkuilen
- Een lading ergens naast de structuur zetten in plaats van op het atoom.
- Formele ladingen alleen op één grensstructuur zetten en de andere vergeten.
- Bindingen tellen als 2 elektronen in de formule. Je telt het aantal bindingen, niet de bindingselektronen.
- Formele en partiële lading door elkaar halen: δ+/δ− is geen formele lading.
- Vrije elektronenparen vergeten te tekenen, waardoor je lading niet meer klopt.
Test jezelf
Wat is de formele lading van O in H₃O⁺?
3 bindingen + 1 vrij paar: +1
Geef de lewisstructuur van Cl⁺ en leg uit waarom het reactief is.
Cl met 3 vrije elektronenparen en geen bindingen: . Er zitten maar 6 elektronen om Cl, het voldoet niet aan de oktetregel en neemt graag een elektronenpaar op.
In het ethanoaat-ion heeft één O een dubbele en één O een enkele binding met C. Welk O draagt de lading?
Het enkel gebonden O: . Het dubbel gebonden O: . In de andere grensstructuur is het precies andersom.
Geef de partiële ladingen in een C=O-binding.
C δ+ en O δ−, want O heeft de hoogste elektronegativiteit.
Examenvragen om te oefenen
Doe deze vragen uit echte examens
- 2026 tijdvak 2, vraag 19: grensstructuur compleet maken met formele lading 1+ op C (3p)
- 2024 tijdvak 2, vraag 24: niet-bindende elektronenparen en formele ladingen (3p)
- 2023 tijdvak 1, vraag 20 en 22: grensstructuur met formele ladingen, lading van een ion afleiden
- 2021 tijdvak 1, vraag 23: NO₂-groep met formele en partiële ladingen
- 2025 tijdvak 2, vraag 4: waarom N na opname van H⁺ niet meer nucleofiel is (3p)
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 8 van de 8 onderzochte examenjaren (2018–2026, 2020: geen examen gehouden) — 100%.
- 2026 tijdvak 2: vraag 19
- 2025 tijdvak 2: vraag 4
- 2025 tijdvak 1: vraag 24
- 2024 tijdvak 2: vraag 2, 24
- 2024 tijdvak 1: vraag 15
- 2023 tijdvak 2: vraag 3, 4
- 2023 tijdvak 1: vraag 10, 14, 20, 22
- 2022 tijdvak 3: vraag 2, 15, 21
- 2022 tijdvak 2: vraag 24
- 2021 tijdvak 3: vraag 21
- 2021 tijdvak 2: vraag 5, 6, 21
- 2021 tijdvak 1: vraag 6, 9, 23
- 2019 tijdvak 2: vraag 23
- 2019 tijdvak 1: vraag 5
- 2018 tijdvak 2: vraag 5