Prioriteit: 🟠 Midden

In 5 van de 8 onderzochte examenjaren, bijna altijd in een blokschema: recyclestromen verbinden, spui uitleggen, gesloten kringloop of netto verbruik (2–4p).

Wat moet je kunnen?

  • In een blokschema alle stof- en energiestromen correct verbinden, inclusief kringlopen.
  • Afleiden of een kringloop gesloten is of dat een stof netto verbruikt wordt.
  • Uitleggen waarom een deel van een recyclestroom moet worden afgevoerd.

De kern

Vier aspecten (syllabus, domein A13):

  1. Systeem en grenzen: wat hoort erbij, wat gaat erin en eruit?
  2. Hiërarchie/schaal: van deeltje tot fabriek.
  3. Verandering in tijd en ruimte (bijv. laden en ontladen).
  4. Stromen: invoer, uitvoer en kringloop van stof en energie.
  • Gesloten kringloop: een stof die in de ene stap verbruikt en in een andere stap in dezelfde hoeveelheid teruggevormd wordt, wordt netto niet verbruikt.
  • Spui: een stof die niet reageert en niet wordt afgescheiden, hoopt op; een deel van de stroom moet eruit (zie Industriële processen).

Zo wordt het gevraagd

  • “Leid af met behulp van de reacties die optreden of de recirculatie van [stof] naar [reactor] een gesloten systeem is, of dat er in het proces netto [stof] wordt verbruikt” (2022-1): 3p.
  • Afvoeren van een deel van de recyclestroom om ophoping van inert stikstof te voorkomen (2026-1, 2021-1).

Uitgewerkt voorbeeld

Gesloten of netto verbruik? (examenstijl, vergelijk 2022-1 vraag 8)

R1: R2: . X gaat van R2 terug naar R1.

  1. R1 verbruikt 2 X per A.
  2. R2 vormt uit de 2 Y weer 2 X.
  3. Netto: ; X valt weg, dus de kringloop van X is gesloten.

Valkuilen

  • Alleen naar de reactor kijken en de terugvorming in een andere stap missen.
  • Coëfficiënten negeren: als R2 minder X teruggeeft dan R1 verbruikt, is er netto verbruik.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt
  • (geen: overkoepelend denkkader)