Prioriteit: πŸ”΄ Hoog

In 8 van de 8 onderzochte examenjaren, meestal 2 vragen per tijdvak als kern van een oppervlakte- of inhoudsvraag (samen 8–10p).

Wat moet je kunnen?

  • Een bepaalde integraal exact berekenen met een primitieve.
  • De integraal opstellen in een context (oppervlakte, inhoud, hoeveelheid uit een snelheid).
  • Een integraal met de GR benaderen als dat mag, en de uitkomst interpreteren.

De kern

primitieve
()
  • Bij : deel de primitieve door (zie Primitieve functie).
  • In context: een integraal van een snelheid geeft een hoeveelheid (bijv. energie uit vermogen).
  • Een negatieve uitkomst is geen oppervlakte (zie Oppervlakte met integralen).

Zo wordt het gevraagd

  • Kern van een oppervlaktevraag: β€œBereken exact de oppervlakte van V.” (2026-1 vraag 7).
  • Kern van een inhoudsvraag: (2026-2 vraag 13), zie Omwentelingslichaam.
  • In context: (2024-1 vraag 3); energie als integraal van vermogen (2025-2 vraag 6).

Uitgewerkt voorbeeld

ExponentiΓ«le integrand (examenstijl, vergelijk 2024-1 vraag 3)

  1. Primitieve:
  2. Exact: ; benaderd 77,69.

Controle: de integrand is positief, dus de uitkomst ook, en kleiner dan . βœ“

Met een breuk (examenstijl, vergelijk 2026-1 vraag 7)

  1. Primitieve:
  2. Exact: ().

Valkuilen

  • Bij of vergeten te delen door .
  • Onder- en bovengrens verwisselen.
  • Een integraal die deels negatief is als oppervlakte opvatten.
  • Bij β€œexact” de GR laten integreren.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt