Prioriteit: 🟠 Midden

SE-1 · weging 33⅓% · hoofdstuk 7. Vaste vierstappenopbouw; de toets vraagt vaak expliciet “Formuleer de negatie” (opgave 67, 68, 69, diagnostische toets 10–11).

Wat moet je kunnen?

  • De negatie correct formuleren.
  • Het werkschema in vier stappen volgen.
  • Een tegenspraak vinden met factoriseren, even/oneven of gemeenschappelijke delers.

De kern

Werkschema: bewijs uit het ongerijmde

  1. Formuleer wat je wilt bewijzen (stelling).
  2. Veronderstel dat wat je wilt bewijzen niet juist is (de negatie).
  3. Toon aan dat de negatie leidt tot een tegenspraak.
  4. Concludeer uit de tegenspraak dat wat je wilt bewijzen juist is.
StellingNegatie
er bestaan geen met …er bestaan wel met …
is irrationaal is rationaal: met en zonder gemeenschappelijke delers
er is geen grootste priemgetaler is een grootste priemgetal
als , dan en niet

Veelgebruikte tegenspraken

  • Factoriseren: ; beide factoren zijn delers van het getal rechts.
  • Even/oneven: een som van drie oneven getallen is oneven, dus niet 0.
  • Vereenvoudigen: als en beide even zijn, was niet vereenvoudigd.

Zo wordt het gevraagd

  • “Bewijs dat er geen positieve gehele getallen x en y bestaan waarvoor geldt 4x² − y² = 5.” (diagnostische toets 10).
  • “Bewijs dat de som van een rationaal getal a/b en een irrationaal getal p irrationaal is.” (diagnostische toets 11).
  • “Toon met een bewijs uit het ongerijmde aan dat √10 een irrationaal getal is.” (A72).

Uitgewerkt voorbeeld

Geen gehele oplossingen (vergelijk H7 diagnostische toets 10)

Bewijs dat er geen positieve gehele getallen en bestaan met .

  1. Stelling: er bestaan geen positieve gehele met .
  2. Negatie: er bestaan wel positieve gehele met .
  3. . Beide factoren zijn gehele delers van 5 en , dus en . Optellen: , . Tegenspraak met ” geheel”.
  4. Dus er bestaan geen positieve gehele met . ✓ (met Python gecontroleerd: geen oplossingen)

√2 is irrationaal (Voorbeeld blz. 130)

  1. Stelling: is irrationaal. 2. Negatie: met zonder gemeenschappelijke delers.
  2. , dus is even en ook: . Dan , , dus is ook even. Tegenspraak: en hebben de deler 2.
  3. Dus is irrationaal.

Valkuilen

  • De negatie verkeerd formuleren: de negatie van “geen enkele” is “minstens één”, niet “allemaal”.
  • Stap 1 en 4 weglaten; in de uitwerkingen staan ze er steeds.
  • Bij factoriseren vergeten te beargumenteren waarom alleen die factorparen kunnen.

Test jezelf

Oefenen


Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt