Prioriteit: π’ Laag
SE-3 Β· weging 33β % Β· hoofdstuk 16. βDruk h uit in a en bβ, βDruk q uit in a, b en cβ, βBewijs dat driehoek APQ een gelijkbenige rechthoekige driehoek isβ (diagnostische toets 10).
Wat moet je kunnen?
- Een punt dat ontstaat door rotatie van een lijnstuk uitdrukken in de complexe getallen van de gegeven punten.
- Midden en parallellogram gebruiken: , en bij parallellogram is .
- Met die uitdrukkingen bewijzen dat lijnstukken even lang en loodrecht zijn, of dat een figuur een parallellogram is.
De kern
Punten en complexe getallen. Bij hoort , bij hoort , enzovoort. Het assenstelsel laat je weg.
- Midden van : .
- Vector hoort bij .
- Parallellogram : .
Rotatie. Vermenigvuldigen met (modulus 1) is een rotatie om 0 over :
Bij de rotatie van het lijnstuk om over een hoek geldt voor het beeld van dat .
| factor | |
|---|---|
Bewijzen. betekent . Als , dan is het beeld van na rotatie over : en .
Dit vervangt het draaien van vectoren uit Wiskunde B (, zie Vector); met complexe getallen gaat het in één vermenigvuldiging.
Zo wordt het gevraagd
- βDruk h uit in a en b. Druk e uit in b en c. Druk p uit in a, b en c.β (diagnostische toets 10aβf).
- βBewijs dat driehoek APQ een gelijkbenige rechthoekige driehoek is.β (diagnostische toets 10g).
- βHet complexe getal m kan worden uitgedrukt in a en b volgens m = pa + qb. Bereken de exacte waarden van p en q.β (opgave 39βA41).
- βBewijs de stelling van Napoleon.β (opgave A43).
Uitgewerkt voorbeeld
Vierkanten op de zijden (vergelijk H16 diagnostische toets 10)
Op de zijden , en van driehoek staan naar buiten gerichte vierkanten , en . en zijn parallellogrammen.
- ontstaat door rotatie van om over : .
- door rotatie van om over : .
- Parallellogram : .
- Op dezelfde manier: , en .
- en .
- Dus : is gedraaid over . Dus en : driehoek is gelijkbenig rechthoekig.
Controle met een getallenvoorbeeld (, , ): β
Gelijkzijdige driehoek op een parallellogram (vergelijk H16 Voorbeeld blz. 176)
Parallellogram met op de gelijkzijdige driehoek ; is het midden van .
- .
- is gedraaid om over : .
- .
Valkuilen
- De richting van de rotatie fout: tegen de klok in is positief. Bepaal uit de figuur of het () of () is.
- Om het verkeerde punt draaien: draait om , niet om .
- Bij een parallellogram de volgorde van de hoekpunten niet goed lezen.
- Na het uitdrukken geen conclusie geven. Een bewijs eindigt met wat er gevraagd was.
Test jezelf
ontstaat door om over te draaien. Geef .
.
Wat volgt uit ?
is gedraaid over : en .
Van parallellogram zijn , en bekend. Geef en het snijpunt van de diagonalen.
en .
Oefenen
Goede opgaven om te oefenen
- H16 opgave O34 Β· uitwerking: ruit en vierkant, eerste stappen
- H16 opgave R35β36 Β· uitwerking: roteren over verschillende hoeken
- H16 opgave 37β40 Β· uitwerking: punten uitdrukken,
- H16 opgave A41βA43 Β· uitwerking: bewijzen, stelling van Napoleon
- H16 diagnostische toets 10 Β· uitwerking: toetsniveau
Bronnen
- Β§16.3 Theorie A: Complexe getallen bij meetkundige figuren (blz. 175β176)
- Β§16.3 Voorbeeld: parallellogram met gelijkzijdige driehoek (blz. 176)
- Terugblik Β§16.3 (blz. 179)
- Diagnostische toets 10 (blz. 201)
Ondersteunende onderwerpen
- Lineaire complexe functies (draaivermenigvuldiging)
- Vector
- Bewijzen in de vlakke meetkunde
Onderwerpen die dit ondersteunt
- (geen)