Prioriteit: ๐Ÿ”ด Hoog

In 7 van de 8 onderzochte examenjaren, bijna nooit los maar als post in een energiebalans of in (3โ€“5p).

Wat moet je kunnen?

  • gebruiken in een energiebalans (met zwaarte-energie, wrijving, veerenergie).
  • Met een gemiddelde (rem)kracht berekenen.
  • bepalen uit een snelheid die je uit een diagram haalt.

De kern

  • in m/s en in kg, dan in J.
  • Twee keer zo snel betekent vier keer zoveel kinetische energie.
  • Energiebalans (zie Wet van behoud van energie): .
  • Arbeid van een remkracht is negatief: (zie Arbeid).

Zo wordt het gevraagd

  • vlak voor de botsing in de energiebalans om de starthoogte te bepalen (2026-1 vraag 1, 3p).
  • om de gemiddelde remkracht tijdens de impact te bepalen (2023-2 vraag 2, 4p).
  • vรณรณr en na de stuit uit de hellingen van raaklijnen (2025-2 vraag 7, 4p).
  • Minimale starthoogte uit de kinetische energie in een punt van de baan (2021-2 vraag 1).

Uitgewerkt voorbeeld

Starthoogte (examenstijl, vergelijk 2026-1 vraag 1)

Een wagentje moet onderaan 12 m/s hebben. Wrijving verwaarloosd. Bereken de starthoogte.

  1. 7,3 m

Controle: de massa valt weg, dus die hoef je niet te weten. โœ“

Gemiddelde remkracht (examenstijl, vergelijk 2023-2 vraag 2)

Een fietser (70 kg totaal) remt van 10 m/s tot stilstand over 5,0 m.

  1. J
  2. N

Valkuilen

  • km/h niet omrekenen naar m/s.
  • Het kwadraat vergeten, of uitrekenen.
  • gebruiken met het verkeerde teken bij remmen.
  • In een energiebalans de warmte door wrijving vergeten.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
  • (geen: basisbegrip)
Onderwerpen die dit ondersteunt