Prioriteit: 🟠 Midden

In 4 van de 8 onderzochte examenjaren, als berekening met of als model voor iets anders (een voorblad, een molecuul, een wagon op veren).

Wat moet je kunnen?

  • gebruiken om , of te berekenen.
  • Beredeneren hoe of verandert als of verandert.
  • Resonantie uitleggen: aandrijven met de eigenfrequentie geeft een grote amplitude.

De kern

VeranderingEffect op
vier keer zo groot twee keer zo groot
groter (stijvere veer) kleiner, groter
amplitude grotergeen effect
  • Twee gelijke veren aan weerszijden van een massa: .
  • De eigenfrequentie is de frequentie waarmee het systeem uit zichzelf trilt.
  • Bouwt voort op Harmonische trilling en Veerkracht ().

Zo wordt het gevraagd

  • Massa van een slede bepalen uit de trillingstijd in het (x,t)-diagram en de dubbele veerconstante (2022-2 vraag 3, 3p).
  • voor een wagon op veren (2023-2 vraag 16).
  • Lagere eigenfrequentie na het schaven verklaren via een lagere veerconstante, niet via de massa (2026-2 vraag 25, 4p).
  • afleiden uit de massa-afhankelijkheid (2019-1 vraag 23).

Uitgewerkt voorbeeld

Massa van een slede (examenstijl, vergelijk 2022-2 vraag 3)

Een slede zit tussen twee veren van elk 25 N/m. In het (x,t)-diagram lees je s af.

  1. N/m
  2. 1,8 kg

Valkuilen

  • De wortel vergeten: is niet evenredig met .
  • Bij twee veren de veerconstante niet optellen.
  • Denken dat een grotere uitwijking een langere trillingstijd geeft.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt
  • (geen)