Prioriteit: 🟠 Midden
In 4 van de 8 onderzochte examenjaren, meestal als voorwaarde binnen een andere vraag: het juiste teken (→ of ⇌), of redeneren met protonering (2p).
Wat moet je kunnen?
- Herkennen of een zuur of base sterk of zwak is, en de juiste pijl gebruiken.
- Kiezen tussen de rekenmethode voor sterk of zwak (zie de pH-notities).
- Redeneren wat de pH doet met de lading en oplosbaarheid van een zwak zuur of zwakke base.
De kern
| Sterk | Zwak | |
|---|---|---|
| reactie met water | volledig (aflopend) | gedeeltelijk (evenwicht) |
| notatie | → | ⇌ |
| voorbeelden zuur | HCl, HNO₃, H₂SO₄ (eerste stap) | CH₃COOH, H₂CO₃ (CO₂ + H₂O), NH₄⁺ |
| voorbeelden base | OH⁻ (NaOH, KOH), O²⁻ | NH₃, CO₃²⁻, HCO₃⁻, CH₃COO⁻ |
| rekenen | [H₃O⁺] = c | met of |
- Hoe groter , hoe sterker het zuur. en staan in je informatieboek (Binas-tabel 49).
- De geconjugeerde base van een zwak zuur is zelf een zwakke base.
Zo wordt het gevraagd
- “Leg uit of bij lagere pH de oplosbaarheid in water van deze stof hoger of lager is” voor een zwakke base (2024-1): protonering maakt het deeltje geladen.
- Evenwichtspijl in plaats van reactiepijl gebruiken om aan te geven dat H₂CO₃ een zwak zuur is (2023-1).
- Calciumcyaanamide als sterke base, cyaanamide als zwak zuur met gegeven (2025-2).
Uitgewerkt voorbeeld
Zwakke base bij lage pH (examenstijl, vergelijk 2024-1 vraag 16)
Een geneesmiddel heeft een aminogroep (zwakke base). Lost het beter op bij lage pH?
- Bij lage pH neemt de aminogroep H⁺ op: –NH₂ → –NH₃⁺.
- Het deeltje is nu geladen en vormt ion-dipoolbindingen met water.
- Conclusie: de oplosbaarheid is hoger bij lage pH.
Valkuilen
- ⇌ gebruiken bij een sterk zuur, of → bij een zwak zuur.
- Denken dat een zwak zuur altijd een hoge pH geeft: bij hoge concentratie kan de pH toch laag zijn.
- Sterk/zwak verwarren met geconcentreerd/verdund.
Test jezelf
Wat is de pH van 0,10 M HCl, en van 0,10 M ethaanzuur ( )?
HCl: pH = 1,00. Ethaanzuur: , pH = 2,88.
Geef de vergelijking van ammoniak met water.
(evenwicht, want NH₃ is een zwakke base).
Examenvragen om te oefenen
Doe deze vragen uit echte examens
- 2024 tijdvak 1, vraag 16: oplosbaarheid van een zwakke base bij lagere pH (2p)
- 2025 tijdvak 2, vraag 1, 3 en 4: sterke base, zwak zuur en amfolyt in één context
- 2023 tijdvak 1, vraag 11: H₂CO₃ als zwak zuur, redeneren met (3p)
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 4 van de 8 onderzochte examenjaren (2018–2026, 2020: geen examen gehouden) — 50%.
- 2025 tijdvak 2: vraag 1, 3, 4
- 2024 tijdvak 1: vraag 16
- 2023 tijdvak 2: vraag 18
- 2023 tijdvak 1: vraag 11
- 2021 tijdvak 2: vraag 18