Prioriteit: 🔴 Hoog
In 7 van de 8 onderzochte examenjaren, vaak als basis van een hele opgave (knik, top, snijpunten, oppervlakte), met 2–3 vragen.
Wat moet je kunnen?
- Een functie met zonder absolute waarde schrijven per interval.
- De knik vinden en bepalen waar de grafiek differentieerbaar is.
- Vergelijkingen met oplossen door gevallen te splitsen (en te controleren).
De kern
| Vorm | Aanpak |
|---|---|
| knik in | |
| of , en controleer | |
| of | |
| functie met differentiëren | eerst per interval zonder strepen schrijven |
- In de knik is de grafiek niet differentieerbaar (links en rechts een andere helling).
- : stukken onder de -as worden omhoog gespiegeld.
- Zie Transformaties van grafieken.
Zo wordt het gevraagd
- , de knik van de grafiek (2026-2 vraag 2).
- , knik bij en snijpunten met een lijn (2025-2 vraag 14–15).
- : top links van de -as (2023-2 vraag 12–14).
- , “Absolute sinus” (2023-1 vraag 11–12).
Uitgewerkt voorbeeld
Vergelijking met gevallen
Los op: .
- Geval : , voldoet niet (want ).
- Geval : ✓
- Controle: . Antwoord: .
Functie per interval (examenstijl, vergelijk 2026-2 vraag 2)
- : (rc 3)
- : (rc )
- Knik in , punt ; de hellingen verschillen, dus niet differentieerbaar daar.
Valkuilen
- Een geval-oplossing niet terugcontroleren tegen de voorwaarde van dat geval.
- oplossen zonder te checken dat .
- Een functie met direct differentiëren.
Test jezelf
Los op: .
(kan niet) of .
Waar heeft knikken?
Waar : en .
Examenvragen om te oefenen
Doe deze vragen uit echte examens
- 2023 tijdvak 2, vraag 12–14: absolute waarde en wortelfunctie (5p + 5p + 5p)
- 2025 tijdvak 2, vraag 14–15: knik en snijpunten van (5p + 5p)
- 2026 tijdvak 2, vraag 2: knik van 90° bewijzen (4p)
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 7 van de 8 onderzochte examenjaren (2018–2026, 2020: geen examen gehouden): 2019, 2021, 2022, 2023, 2024, 2025, 2026 — 87,5%.
- 2026 tijdvak II
- Vraag 2 (4p): in vraagstelling — kernonderdeel, gp(x) = x + |px − 1|, de “knik” in de grafiek is het kenmerk van de |·|-functie.
- Frasering: “De grafiek van gp heeft een knik.” Komt 1× voor, volledige vraag (4p) — bewijs dat de knikhoek 90° is via de hellingen van de twee lineaire stukken (product van hellingen = −1).
- 2025 tijdvak II
- Vraag 14 (5p): in vraagstelling — kernonderdeel, fa(x) = |a−x²|·x + 3x voor x≥0; de |a−x²|-term veroorzaakt de knik met x-coördinaat √a.
- Vraag 15 (5p): in vraagstelling — kernonderdeel, dezelfde functie fa gebruikt om het aantal snijpunten met lijn l te analyseren.
- Frasering: “De grafiek van fa heeft een knik met x-coördinaat √a.” Komt 2× voor, dominant thema van opgave “Drie keer over de lijn” (10 scorepunten samen).
- 2024 tijdvak II
- Vraag 13 (4p): kernonderdeel — de grafiek van (vermoedelijk) y=|f18(x)| snijdt y=2 in vier punten, wat in het correctievoorschrift leidt tot twee aparte kwadratische vergelijkingen (f18(x)=2 én f18(x)=−2), typerend voor het splitsen bij absolute waarden.
- Komt 1× voor, kernonderdeel van de vraag (opgavetitel “Absolute logaritme” verwijst hier direct naar).
- 2023 tijdvak I
- Vraag 11 (3p): in vraagstelling — kernonderdeel, opgavetitel “Absolute sinus”, f(x) = |sin(x) + ⅔√3| (absolute waarde toegepast op een sinusfunctie); in het antwoord expliciete controle “(want 1−⅔√3 ≥ 0)” op het teken binnen de absolute waarde.
- Vraag 12 (5p): in vraagstelling — de “kleine vlakdelen” ontstaan juist door de knik/spiegeling die de absolute waarde in de grafiek van f veroorzaakt.
- Komt 2× voor, dominant thema van de hele opgave “Absolute sinus” (8 scorepunten samen).
- 2023 tijdvak II
- Vraag 12 (5p): in vraagstelling — kernonderdeel, f(x) = −3+|x|·√(x+3) met x≥−3, top T links van de y-as bepalen.
- Vraag 13 (5p): in vraagstelling — kernonderdeel, lijn k door P(−3,−3) en O snijdt de grafiek van f rechts van de y-as in punt S.
- Vraag 14 (5p): in vraagstelling — kernonderdeel, gebied V (ingesloten door f en lijn y=−3) gewenteld om lijn l.
- Frasering: “De functie f wordt gegeven door f(x) = −3+|x|·√(x+3) met x≥−3.” Dominant thema van de hele opgave “Absolute waarde en wortelfunctie” (15 scorepunten samen).
- 2022 tijdvak II
- Vraag 14 (3p): zichtbaar in correctievoorschrift — “Voor x < 1 geldt: f(x) = −x + 1 + (x−5)/(2x−5).” Dit wijst op f(x) = |x−1| + (x−5)/(2x−5) (de grafiek heeft expliciet “een knikpunt voor x = 1”, typisch voor een absolute-waardeterm; let op: pdftotext toont dit met een gewoon minteken, de absolutewaardestrepen zijn bij extractie weggevallen).
- Vraag 15 (6p): impliciet — de oplossing “2½ < x < 3” houdt rekening met alleen de tak x > 1 (rechts van het knikpunt), relevant voor de absolutewaardefunctie-structuur van f.
- Komt 2× voor, onderliggende structuur van opgave “Asymptoot”.
- 2022 tijdvak III
- Vraag 3 (5p): in vraagstelling — de grafiek van g (afgeleid van f, symmetrisch in x=5½) heeft in A(5½, 0) een knik, met twee verschillende raaklijnen links en rechts van A — kenmerkend voor een functie met een absolute-waarde-achtige knik (g = |f|).
- Komt 1× voor, ondersteunend/conceptueel (geen losse scorepunten voor de knik zelf, wel de aanleiding voor twee verschillende raaklijnen).
- 2021 tijdvak I
- Vraag 13 (6p): kernonderdeel — f(x) = ln(x) is in de opgave feitelijk ln|x| (“absolute natuurlijke logaritme”); correctievoorschrift werkt expliciet met ln(xC) = ln(xC) (want ln(xC) > 0) en −ln(xB) (want ln(xB) < 0) om punt B met negatieve x-coördinaat te behandelen.
- Frasering: opgavetitel zelf (“Absolute natuurlijke logaritme”). Komt 1× voor, maar volledig kernonderdeel van de hele opgave (6p).
- 2019 tijdvak II
- Vraag 4 (5p): in vraagstelling — kernonderdeel, f(x) = |x−2|·(½x+2) + 1, knik in het punt A door de absolute waarde.
- Komt 1× voor, bepaalt de hele opzet van de opgave “Raaklijn in knikpunt” (5p).