Prioriteit: 🟠 Midden
SE-1 · weging 33⅓% · hoofdstuk 13. Een bewijs-/toelichtvraag: “Licht toe dat PF₁ = PA” en “Hoe volgt hieruit dat P op een ellips ligt?”. Weinig rekenwerk, wel precies redeneren.
Wat moet je kunnen?
- Uitleggen welke kegelsnede ontstaat bij welke hellingshoek van het snijvlak.
- Met de bollen van Dandelin toelichten waarom de doorsnede een ellips, hyperbool of parabool is.
De kern
Een kegelvlak ontstaat door een lijn door (richtingshoek ) om de -as te wentelen. Snijd het met een vlak (hellingshoek ) dat niet door gaat:
| Hellingshoek | Doorsnede |
|---|---|
| cirkel | |
| ellips (gesloten, één deel van de kegel) | |
| ( evenwijdig aan een beschrijvende lijn) | parabool |
| hyperbool (beide delen van de kegel) |
Bollen van Dandelin: bollen met middelpunt op de as die zowel als het kegelvlak raken. Ze raken in de brandpunten en .
Kernargument: raaklijnstukken vanuit een punt aan een bol zijn even lang. Voor een punt van de doorsnede, waarbij de bollen raakt in en :
- en
- Ellips: , en is constant
- Hyperbool: , constant
- Parabool: één bol, en via volgt
Zo wordt het gevraagd
- “Licht toe dat de doorsnede van V met het kegelvlak een ellips is als 0 < φ < α.” (opgave 2).
- “Licht toe dat PF₁ = PA en PF₂ = PB. Hoe volgt hieruit dat P op een ellips ligt?” (opgave 3–5).
- Scoren doe je met de juiste redenering, niet met een getal.
Uitgewerkt voorbeeld
Waarom een ellips? (vergelijk H13 opgave 3)
- ligt in en raakt de kleine bol in , dus is een raaklijnstuk aan de kleine bol.
- De lijn raakt de kleine bol in , dus ook is een raaklijnstuk vanuit .
- Raaklijnstukken vanuit één punt aan een bol zijn even lang: . Zo ook .
- .
- en liggen op de vaste raakcirkels van de bollen met de kegel, dus is voor elk gelijk.
- De som van de afstanden tot en is constant: ligt op een ellips met brandpunten en .
Valkuilen
- Alleen “de afstanden zijn gelijk” schrijven zonder te zeggen waarom (raaklijnstukken aan dezelfde bol).
- Vergeten te beargumenteren dat constant is.
- Bij de parabool twee bollen tekenen: er is er maar één, omdat evenwijdig is aan een beschrijvende lijn.
Test jezelf
Welke doorsnede krijg je als beide delen van de kegel snijdt?
Een hyperbool (twee takken).
Waarom is er bij de parabool maar één bol van Dandelin?
is evenwijdig aan een beschrijvende lijn van de kegel. Aan de andere kant van past geen bol die zowel als het kegelvlak raakt (zie de figuur bij opgave 5a).
Oefenen
Goede opgaven om te oefenen
- H13 opgave 2 · uitwerking: hellingshoek en soort kegelsnede
- H13 opgave 4 · uitwerking: hyperbool
- H13 opgave 5 · uitwerking: parabool (loopt door tot de volgende pagina)
Bronnen
- §13.1 Theorie A: De bollen van Dandelin (blz. 14–15)
- §13.1 Geschiedenis: Germinal Pierre Dandelin (blz. 15)
- Terugblik §13.1: Ellips, parabool en hyperbool als kegelsnede (blz. 19)
Ondersteunende onderwerpen
- Meetkundige stellingen cirkel (raaklijnstukken even lang)