Prioriteit: 🟢 Laag

SE-3 · weging 33⅓% · hoofdstuk 10. Basis voor heel H10 en H16. “Los op in ℂ” en “Schrijf in de vorm z = a + bi” (diagnostische toets 1–2). Wordt belangrijker zodra SE-2 voorbij is. H10 staat niet in de planner van dit jaar; op aanwijzing van de leerling meegenomen.

Wat moet je kunnen?

  • Optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en machten van uitrekenen.
  • Een breuk in de vorm schrijven met de geconjugeerde.
  • Lineaire en kwadratische vergelijkingen oplossen in (kwadraatafsplitsen).
  • Eigenschappen van , en aantonen.

De kern

Voor het imaginaire getal geldt . Een getal van de vorm met en reële getallen heet een complex getal.

is het reële deel en het imaginaire deel. De verzamelingen: .

Rekenen. Werk haakjes uit zoals gewoon en vervang door : Machten: , , , , …

Geconjugeerde. De geconjugeerde van is , en

Breuk herleiden. : vermenigvuldig teller en noemer met . De noemer wordt dan reëel.

Kwadratische vergelijking. Door kwadraatafsplitsen krijg je met . Schrijf :

Zo wordt het gevraagd

  • “Los op in ℂ.” (diagnostische toets 1, opgave 5–A6): lineair, , .
  • “Schrijf in de vorm z = a + bi.” (diagnostische toets 2, opgave 8–A10, A15): producten, breuken, .
  • “Toon aan dat .” (opgave 13–14).

Uitgewerkt voorbeeld

Kwadratische vergelijking (vergelijk H10 diagnostische toets 1c)

Los op in : .

  1. Kwadraatafsplitsen: , dus .
  2. , dus .
  3. .

Breuk en geconjugeerde (vergelijk H10 diagnostische toets 2c en 2f)

c

f . Eerst . Geconjugeerde: .

Controle met sympy ✓

Valkuilen

  • laten staan in plaats van invullen.
  • Bij een breuk alleen de noemer met de geconjugeerde vermenigvuldigen.
  • schrijven. Het is , want .
  • Bij maar één oplossing geven: er zijn er altijd twee, .
  • zeggen. Het imaginaire deel is het reële getal .

Test jezelf

Oefenen


Ondersteunende onderwerpen
Onderwerpen die dit ondersteunt