Prioriteit: π’ Laag
Als apart onderwerp in 2 van de 8 onderzochte examenjaren (2025, 2026), maar het zit ook achter interferentie en staande golven.
Wat moet je kunnen?
- Het faseverschil berekenen uit een tijdverschil of een afstand.
- Bepalen of twee punten in fase of in tegenfase trillen.
De kern
| Gereduceerd faseverschil | Betekenis |
|---|---|
| 0 | in fase (constructief bij interferentie) |
| 0,5 | in tegenfase (destructief) |
| 0,25 of 0,75 | een kwart periode verschoven |
- Gereduceerd: trek er hele getallen af ().
- Met een bekende afstand en een gemeten faseverschil kun je en dus bepalen.
- Basis voor Diffractie en interferentie en Staande golven.
Valkuilen
- Het niet-gereduceerde faseverschil gebruiken om βin faseβ te beoordelen.
- en in verschillende eenheden invullen.
- Vergeten dat licht in een ander materiaal een kortere golflengte heeft.
Test jezelf
Twee punten van een golf liggen 0,30 m uit elkaar; m. Wat is het faseverschil?
.
Een faseverschil van 1,5. Trillen de punten in fase?
Gereduceerd 0,5: in tegenfase.
Alle vindplaatsen
Aangetroffen in 2 van de 8 onderzochte examenjaren (2018-2026, 2020: geen examen gehouden) β 25%.
- 2026 tijdvak 1: vraag 17
- 2025 tijdvak 1: vraag 9