Prioriteit: 🔴 Hoog

In 6 van de 8 onderzochte examenjaren, meestal als “bepaal de frequentie uit het diagram” op een uitwerkbijlage (3p).

Wat moet je kunnen?

  • nauwkeurig aflezen uit een (u,t)-diagram of oscilloscoopbeeld en daarmee berekenen.
  • Rekenen met in allerlei contexten (geluid, hartslag, draaiende magneten).
  • koppelen aan andere formules, zoals of .

De kern

GrootheidEenheid
s (ook ms, µs)
Hz

Zo wordt het gevraagd

  • Frequentie van de toongenerator uit de periode op het oscilloscoopbeeld (2025-1 vraag 8, 3p).
  • Frequentie van de grondtoon van een toren of snaar uit het (u,t)-diagram (2024-2 vraag 22; 2022-3 vraag 22).
  • Hartritme in slagen per minuut uit de periode van een ECG en de papiersnelheid (2022-2 vraag 8).
  • Eigentrillingstijd gelijkgesteld aan de periode van een sinusloop (2023-2 vraag 16).

Uitgewerkt voorbeeld

Oscilloscoop (examenstijl, vergelijk 2025-1 vraag 8)

Op het scherm passen 4 hele perioden in 8,0 hokjes; de tijdbasis is 1,25 ms per hokje.

  1. Tijd voor 4 perioden: ms
  2. ms
  3. Hz

Hartslag uit een ECG (examenstijl, vergelijk 2022-2 vraag 8)

Het papier loopt met 25 mm/s; twee pieken liggen 20 mm uit elkaar.

  1. s
  2. Slagen per minuut: 75

Valkuilen

  • Eén periode aflezen in plaats van meerdere, waardoor de afleesfout groot is.
  • ms niet omrekenen naar s.
  • Een halve periode (van top naar dal) aanzien voor een hele.
  • en omdraaien.

Test jezelf

Examenvragen om te oefenen


Ondersteunende onderwerpen
  • (geen: basisbegrip)
Onderwerpen die dit ondersteunt