Nederlands — Examenweging (CE leesvaardigheid VWO)
Onderzochte examenjaren: 3 — 2024, 2025, 2026 (beide tijdvakken van elk jaar zijn gedigest: 2024 tijdvak I/II, 2025 tijdvak I/II, 2026 tijdvak 1/2). Noemer = 3.
Let op de korte veilige periode: Nederlands leesvaardigheid is sinds CE 2024 grondig vernieuwd (nieuwe vraagtypen), dus examens van vóór 2024 zijn bewust niet meegenomen — die zijn niet meer representatief voor de huidige vraagvormen. Met een noemer van slechts 3 jaar liggen percentages noodgedwongen op grove stappen (0%, 33%, 67%, 100%) en is een score van 100% normaal voor kernvaardigheden die simpelweg in alle drie onderzochte jaren voorkwamen — dit betekent niet dat het onderwerp gegarandeerd terugkomt, alleen dat het tot nu toe elk jaar is getoetst. Een onderwerp dat in beide tijdvakken van hetzelfde jaar voorkwam, telt voor dat jaar maar één keer mee.
Kleurindicatie: 🔴 Hoog (100%) · 🟠 Midden (67%) · 🟢 Laag (0–33%). Zelfde kleuren als bij de andere vakken; door de noemer van 3 jaar vallen de percentages in grove stappen.
Telcriterium (voor reproduceerbaarheid): een onderwerp telt als “aanwezig” in een examenjaar zodra minstens één vraag in minstens één tijdvak van dat jaar het concept scorend of expliciet benoemd toetst (bv. het concept staat met naam in de vraagstelling, in een antwoordoptie, of in het correctiemodel als apart te scoren element). Puur impliciet/ondersteunend gebruik — het concept is ergens op de achtergrond nodig om een andere, anders geclassificeerde vraag op te lossen, zonder zelf te worden benoemd of gescoord — telt niet mee. Uitzondering: bij Vraagtype — scenario-opgave telt ook een overkoepelend scenario-kader zonder eigen scorende vraag, omdat het scenario zelf de aard van het vraagtype is (niet een ondersteunend detail bij een ander concept).
| Onderwerp | % (van 3 jaar) | Kleur | Notitie |
|---|---|---|---|
| Hoofdgedachte van een tekst bepalen | 100% | 🔴 Hoog | Hoofdgedachte van een tekst bepalen |
| Relaties tussen tekstdelen aangeven | 100% | 🔴 Hoog | Relaties tussen tekstdelen aangeven |
| Conclusies trekken over intenties en opvattingen van de auteur | 100% | 🔴 Hoog | Conclusies trekken over intenties en opvattingen van de auteur |
| Standpunten en argumenten herkennen | 100% | 🔴 Hoog | Standpunten en argumenten herkennen |
| Aanvaardbaarheid van een betoog beoordelen | 100% | 🔴 Hoog | Aanvaardbaarheid van een betoog beoordelen |
| Drogredenen herkennen | 100% | 🔴 Hoog | Drogredenen herkennen |
| Vraagtype — samenvatten in eigen woorden | 100% | 🔴 Hoog | Vraagtype — samenvatten in eigen woorden |
| Vraagtype — bronnenvergelijking | 100% | 🔴 Hoog | Vraagtype — bronnenvergelijking |
| Vraagtype — scenario-opgave | 100% | 🔴 Hoog | Vraagtype — scenario-opgave |
| Vraagtype — stijl en framing herkennen | 100% | 🔴 Hoog | Vraagtype — stijl en framing herkennen |
| Vraagtype — sorteer- en synthesetaak | 100% | 🔴 Hoog | Vraagtype — sorteer- en synthesetaak |
| Vraagtype — bruikbaarheid en betrouwbaarheid beoordelen | 100% | 🔴 Hoog | Vraagtype — bruikbaarheid en betrouwbaarheid beoordelen |
| Aftrekregeling bij open vragen* | 100% | 🔴 Hoog | Aftrekregeling bij open vragen |
| Argumentatieschema’s herkennen | 67% | 🟠 Midden | Argumentatieschema’s herkennen |
| Tekstsoort bepalen | 33% | 🟢 Laag | Tekstsoort bepalen |
| Schrijfdoel van een tekst vaststellen | 0% | 🟢 Laag | Schrijfdoel van een tekst vaststellen |
| Toegestane hulpmiddelen bij het examen* | 0% | 🟢 Laag | Toegestane hulpmiddelen bij het examen |
* Examenmechaniek, geen inhoudelijke leesvaardigheid — het percentage meet hier “komt dit voor in het gelezen opgaven/bijlage/correctievoorschrift-materiaal”, niet “wordt dit als vaardigheid getoetst”. Aftrekregeling is in de praktijk altijd van toepassing (structureel onderdeel van elk correctievoorschrift); Toegestane hulpmiddelen staat op het voorblad buiten het gelezen paginabereik en kon daarom niet bevestigd worden, ook al geldt de regel vermoedelijk gewoon elk jaar.
Observaties
- De vijf nieuwe vraagtypen sinds 2024 (bronnenvergelijking, scenario-opgave, stijl/framing, sorteer/synthese, bruikbaarheid/betrouwbaarheid) kwamen in alle 3 onderzochte jaren voor, en zijn in vrijwel elk tijdvak goed voor een groot deel van de scorepunten — bronnenvergelijking en sorteer/synthese zijn structureel de zwaarste.
- Argumentatieschema’s herkennen als zelfstandige “welk schema is dit”-vraag ontbrak in 2025 volledig, ondanks aanwezigheid in het aanvullend materiaal — in de praktijk wordt het schema bijna altijd impliciet gebruikt (vooral binnen drogreden-vragen), zelden als losse vraag.
- Tekstsoort bepalen en Schrijfdoel van een tekst vaststellen zijn de enige twee vaardigheden die in de onderzochte jaren zelden of nooit als losse, expliciete vraag voorkwamen — ondanks dat ze wel in de syllabus staan. Blijf ze kennen als basiskennis, maar leg de nadruk elders.